wetzoeker

Besluit mededeling van rechten in strafzaken

Besluit van 18 november 2014, houdende regels inzake de schriftelijke mededeling van rechten ten behoeve van aangehouden verdachten (Besluit mededeling van rechten in strafzaken)

Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2015
Rechtsgebied
Procesrecht, Strafprocesrecht
Ministerie
Veiligheid en Justitie
BWB-id
BWBR0035803
Versie
2015-01-01_0
SHA-256 bron
b48de91c7503e184a16c6b98b0f1d4a69f8848aa1700b0f262d13a5adbbca1e7

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (3)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3

Artikel 1

De schriftelijke mededeling, bedoeld in artikel 27c, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering, omvat informatie over:

a. het bepaalde in artikel 27 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke Marechaussee en andere opsporingsambtenaren;

b. het bepaalde in artikel 36, eerste lid, onderdeel b, van het op 24 april 1964 te Wenen tot stand gekomen Verdrag van Wenen inzake consulaire betrekkingen (Trb. 1981, 143);

c. het bepaalde in artikel 32 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke Marechaussee en andere opsporingsambtenaren.

Artikel 2

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mededeling van rechten in strafzaken

Artikel 3

De Wet van 5 november 2014 tot implementatie van de richtlijn nr. 2012/13/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het recht op informatie in strafprocedures (PbEU L 142) (Stb. 2014, 433) en dit besluit treden in werking met ingang van 1 januari 2015.