wetzoeker

1 — Heffing van btw en OVB bij VOV-verkoop van een woning/vestiging van een beperkt zakelijk recht binnen twee jaar na eerste ingebruikneming, gevolgd door terugkoop door ondernemer na afloop van de tweejaarstermijn, met verrekening van koperskorting en waardeontwikkeling tussen koper en ondernemer (bedragen zijn in euro en inclusief btw) Omzetbelasting en overdrachtsbelasting, verkoop onder voorwaarden

Heffing van btw en OVB bij VOV-verkoop van een woning/vestiging van een beperkt zakelijk recht binnen twee jaar na eerste ingebruikneming, gevolgd door terugkoop door ondernemer na afloop van de tweejaarstermijn, met verrekening van koperskorting en waardeontwikkeling tussen koper en ondernemer (bedragen zijn in euro en inclusief btw)

Waardestijging woning/beperkt zakelijk recht bij terugkoop binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht | | Waardedaling woning/beperkt zakelijk recht bij terugkoop binnen tien jaar na de verkoop van de woning/het beperkt zakelijk recht

Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000 | Marktwaarde bij eerste verkoop/vestiging zakelijk recht | 170.000

Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000 | Af: koperskorting (stel 20%) | 34.000

Te betalen door (1e) koper | 136.000 | Te betalen door (1e) koper | 136.000

Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 x 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit | | Bij eerste verkoop door ondernemer verschuldigde btw: 21/121 x 136.000 = 23.603 Geen OVB verschuldigd o.g.v. goedkeuring in onderdeel 2.1 van het besluit

Marktwaarde bij terugkoop | 200.000 | Marktwaarde bij terugkoop | 150.000

Af: koperskorting | 34.000 | Af: koperskorting | 34.000

Af: aandeel ondernemer in waardestijging (stel 30% van 30.000) | 9.000 | Bij: aandeel ondernemer in waardedaling (stel 30% van 20.000) | 6.000

Te betalen door ondernemer | 157.000 | Te betalen door ondernemer | 122.000

Door ondernemer verschuldigde OVB bij terugkoop: 2% x 166.0001 = 3.320 | | Door ondernemer verschuldigde OVB bij terugkoop: 2% x 122.0002 =2.440

1 In alle voorbeelden wordt ervan uitgegaan dat artikel 13, eerste lid, van de WBR niet van toepassing is. De verplichting tot terugbetaling van de koperskorting door de koper aan de ondernemer vormt een waardedrukkende factor voor de heffing van overdrachtsbelasting (zie onderdeel 2.2 van het besluit). De grondslag voor de heffing van OVB is (200.000- 34.000)= 166.000 (zie onderdeel 4 van het besluit). Het aandeel van de ondernemer in de waardestijging vormt geen waardedrukkende factor.

2 De grondslag voor de heffing van OVB is (150.000 – 34.000)= 116.000. De maatstaf van heffing bedraagt echter niet minder dan de tegenprestatie. Er wordt dus OVB geheven over 122.000 (zie onderdeel 3.1 van het besluit).

Regeling
Omzetbelasting en overdrachtsbelasting, verkoop onder voorwaarden
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-01-2023
BWB-id
BWBR0035566
Versie
2023-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl