wetzoeker

3.2 — De investeringsfase Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies

De investeringsfase

De investeringsfase van een NIKI-project begint wanneer de eerste bindende verplichting wordt aangegaan die een investering onomkeerbaar maakt, bijvoorbeeld de definitieve bestelling van apparatuur of het starten van bouwwerkzaamheden. De aankoop van grond en voorbereidend werk, zoals het verkrijgen van vergunningen en het uitvoeren van voorbereidende haalbaarheidsstudies, luidt niet het begin van het NIKI-project in. De laatste mijlpaal is de datum waarop de NIKI-installatie commercieel in gebruik genomen wordt (commercial operation date) hetgeen het einde van de investeringsfase en het begin van de exploitatiefase markeert.

Een voorschot wordt verstrekt op basis van de goedgekeurde projectbegroting en door de aanvrager opgestelde mijlpalen. Voor elk van deze mijlpalen zal de aanvrager aangeven welke kosten overeenkomen met de activiteiten binnen deze mijlpaal. Een mijlpaal vertegenwoordigt een concreet te behalen resultaat en de daar aan verbonden kosten. Elke mijlpaalperiode dient te worden afgesloten met een concreet definieerbaar resultaat van uitgevoerde activiteiten in het project. De mijlpalen dienen onderbouwd te worden in het NIKI-projectplan. Alle subsidiabele kosten die gemaakt zijn in aanloop naar het te behalen resultaat dienen opgenomen te worden in deze mijlpaal. Als de mijlpalen niet behaald worden en u er langer over doet of de kosten gaan afwijken dient dit te worden gemeld bij de RVO. Naast de melding dient ook een wijzigingsverzoek in met een aangepaste planning en aangepaste mijlpalenbegroting. Dit kan gevolgen hebben voor de uitbetaling van de voorschotten. De aanvrager dient minimaal 3 en maximaal 5 mijlpalen te formuleren voor het NIKI-project. Een mijlpaal kan niet het verkrijgen van een subsidiebeschikking zijn.

Het totaal van het voorschot in de investeringsfase mag niet hoger zijn dan het laagste van de volgende bedragen die bij aanvraag met de NIKI rekenmethode zijn berekend:

• 40% van de gevraagde subsidie; of

• de totale investeringskosten bij aanvraag.

De subsidieontvanger rapporteert jaarlijks met behulp van een geactualiseerde berekening op basis van de NIKI rekenmethodiek over de realisatie daarvan, en stelt waar nodig de mijlpalenbegroting bij. Na afloop van de investeringsfase wordt weer een uitgebreidere rapportage verwacht, waarin ook de werkelijke investeringskosten worden verantwoord. Bovendien dient de subsidieontvanger geactualiseerde berekening van de maximaal toegestane subsidie op te stellen op basis van de gerealiseerde investeringskosten, en op basis van geactualiseerde ramingen van kosten en opbrengsten voor de economische levensduur van de NIKI-installatie.

Regeling
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
25-09-2026
BWB-id
BWBR0035474
Versie
2026-09-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl