wetzoeker

1 — Stap 1: Product bepalen Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies

Stap 1: Product bepalen

Het uitgangspunt van de NIKI-regeling is dat door de productie van NIKI-producten in het NIKI-project andere producten in de markt worden vervangen, die gedurende hun levenscyclus meer CO2-emissies veroorzaken. NIKI-projecten kunnen ook de uitbreiding of nieuwbouw van conventionele productie-installaties vermijden in het geval van toenemende vraag naar het product. De functie van het NIKI-product is dan ook bepalend voor de referentie en de uiteindelijk berekende emissiereductie.

Voor het bepalen van NIKI-producten gelden de volgende voorwaarden:

• Een NIKI-product is een product waarvoor het NIKI-project is opgezet.

• Een NIKI-product moet economisch verhandelbaar zijn.

• Het NIKI-product, of de som van producten, genereert het merendeel van de inkomsten van het NIKI-project.

• Het NIKI-product, of de som van producten, vormen samen meer dan 90% van de massastroom uit het proces van de NIKI-installatie die een economische waarde heeft.

• U bepaalt welke producten u meeneemt in de berekening.

• Overige producten die economische waarde hebben, worden beschouwd als restfractie.

• CO2 geldt nooit als NIKI-product of restfractie. Als een NIKI-proces CO2 produceert, neemt u dit op in de CO2 emissieberekening als verbrandings- of procesemissie.

• Energiestromen met een nuttige toepassing neemt u op als NIKI-product of restfractie.

• Overige stromen worden verondersteld geen economische waarde te hebben, het zijn afvalstoffen of emissies naar de atmosfeer.

Economisch verhandelbaar houdt in dat het product potentieel fysiek getransporteerd kan worden naar verschillende afnemers op de markt. Indien het product uitsluitend in een op de locatie van de aanvrager verbonden installatie verder verwerkt kan worden, wordt het product niet als verhandelbaar beschouwd.

U bepaalt NIKI-producten zodanig, dat ze samen ten minste 90% vormen van de uitgaande massastroom die een economische waarde heeft. U bepaalt zelf of en welke producten met economische waarde u niet als een NIKI-product beschouwt, tot een maximum van 10% van de uitgaande massastroom (zie Figuur 3). Deze producten vormen de restfractie. Voor de restfractie geldt dat de CO2-emissies berekend worden als de emissies die vrijkomen bij volledige verbranding daarvan met energieterugwinning.

Voorbeeld: 80% van de uitgaande massastromen heeft een economische waarde. Hier zitten echter enkele zeer kleine stromen tussen, die veel moeite kosten om los te beschrijven. U heeft de optie om een deel hiervan als restfractie aan te merken. Dit mag maximaal 10% van de uitgaande massastroom met een economische waarde zijn. De overige minimaal 90% moet u als NIKI-producten opnemen. In dit voorbeeld zal minimaal 72% (90% van de 80%) van de uitgaande massastromen van het NIKI-project NIKI-producten zijn.

Regeling
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
25-09-2026
BWB-id
BWBR0035474
Versie
2026-09-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl