Bijlage 4.13.2 — behorende bij artikel 4.13.1 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies (deel 1) Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
behorende bij artikel 4.13.1 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies
Inhoudsopgave
Inleiding
Kader en afbakening
Begrippen en definities
Samenvatting van de NIKI CO2-emissiereductiemethode
Stappenplan van de NIKI CO2-emissiereductiemethode
1. | Stap 1: Product bepalen
2. | Stap 2: Referentie bepalen
2.1. | Referentieproduct en correctiefactor
2.2. | Bepalen of u een beschikbare emissiefactor toepast of een referentieproces definieert
2.3. | Definitie van een referentieproces, als geen emissiefactor beschikbaar is
2.3.1. | Co-producten en allocatie bij het bepalen van een referentieproces
3. | Stap 3: Systeem- en procesgrenzen
3.1. | Systeemgrens
3.2. | Procesgrenzen
4. | Stap 4: Massa- en energiebalansen bepalen
5. | Stap 5: CO2-emissies over de levenscyclusfasen bepalen
5.1. | Levenscyclusfase Inputs
5.1.1. | Rigide en elastische inputs
5.1.2. | Emissies van grondstoffen
5.1.3. | Emissies van energiestromen
5.1.4. | Toerekenbaarheid van emissiereducties door gebruik van andere inputs
5.2. | Levenscyclusfase ‘proces’
5.2.1. | Verbranding van brandstoffen als onderdeel van het proces
5.2.2. | CO2-afvang en -gebruik als onderdeel van het proces
5.2.3. | Directe procesemissies, afvalstromen en restfractie
5.3. | Levenscyclusfase ‘verbranding’
5.4. | Levenscyclusfase: Einde levensduur
5.4.1. | Emissies bij einde levensduur door recycling
5.4.2. | Emissies einde levensduur bij langdurig gebruik
5.4.3. | Einde levensduur van biogene stoffen
5.4.4. | Rekenregels einde levensduur
5.5. | Emissies die uitgesloten zijn van de berekening
6. | Stap 6: Berekening totale CO2-emissiereductie
7. | Stap 7: Controle op negatieve neveneffecten
Appendix A1 Hiërarchie van emissiefactoren
• Inputs (voorketen – Scope 2 en 3 upstream)
• Transport (vervoersmiddel – WTW)
• Brandstoffen (Scope 1 – verbrandingsemissies / TTW)
Inleiding
Deze bijlage beschrijft de methode voor het bepalen van de reductie in broeikasgasemissies naar de atmosfeer van een NIKI-project. Als aanvrager van een NIKI-project bent u verplicht om deze methode toe te passen om de emissiereductie
1 Met ‘emissie’ of ‘emissiereductie’ worden in dit document altijd de emissie van broeikasgassen naar de atmosfeer en de reductie van deze broeikasgasemissies bedoeld.
van uw NIKI-project te bepalen.
Ondernemingen reduceren door het uitvoeren van NIKI-projecten emissies van broeikasgassen, uitgedrukt in CO2-eq door NIKI-producten te vervaardigen, die tijdens hun levenscyclus minder emissies naar de atmosfeer veroorzaken dan producten die ze in de markt vervangen. De NIKI CO2-emissiereductiemethode houdt rekening met emissies die in verschillende fasen van de levenscyclus van een product ontstaan en de emissiereducties die in deze fasen kunnen worden behaald. Het Europese Innovation Fund (IF) is op dezelfde gedachte gebaseerd. De NIKI CO2-emissiereductiemethode is dan ook geïnspireerd op de IF-methodiek. De methode is gebaseerd op berekeningen en niet op metingen van emissies.
Kader en afbakening
Een NIKI-aanvraag bestaat uit verschillende onderdelen. U dient onder andere een projectplan in, met daarin een beschrijving van de activiteiten binnen het project, de installatie of installaties die u van plan bent te bouwen of aan te passen, en de NIKI-producten die u daarmee beoogt te produceren. Het projectplan vormt tevens de basis voor het toepassen van zowel de NIKI rekenmethode als de NIKI CO2-emissiereductiemethode.
Dit document beschrijft de NIKI CO2-emissiereductiemethode en dient als instructie om de methode correct toe te passen. Naast dit document zal voor het voorbereiden van NIKI-aanvragen een NIKI rekenmodel CO2-emissiereductie gepubliceerd worden, die zorgt voor een uniforme wijze van indienen. Dit rekenmodel zal tegelijk met de publicatie van de regeling in de Staatscourant worden gepubliceerd op de site van RVO. U dient het ingevulde rekenmodel bij uw aanvraag in.
De emissies van alle bekende broeikasgassen worden in deze methode meegenomen, zie ook bijlage 4.13.2 van de NIKI-regeling. De eenheid waarin de emissies worden uitgedrukt is tonnen koolstofdioxide equivalenten (ton CO2-eq.). Waar we in de tekst van CO2 spreken kan dit ook andere broeikasgassen betreffen.
U hanteert in uw NIKI-aanvraag een onderbouwde prognose van de totale productie tijdens de exploitatiefase voor het berekenen van de totale emissiereductie van uw NIKI-project. U berekent hieruit tevens de emissiereductie per eenheid NIKI-product. NIKI-projecten hebben een exploitatiefase van 10 jaar na ingebruikname van de installatie. In deze periode zal het NIKI-product vervaardigd worden. U rapporteert tijdens de projectuitvoering over de bereikte emissiereductie op basis van de daadwerkelijke productieoutput van de NIKI-installatie en de emissiereductie per eenheid NIKI-product uit uw aanvraag. Het uit te keren voorschot op de subsidie wordt mede op de bereikte emissiereductie gebaseerd.
Begrippen en definities
In onderstaande tabel staan de definities van belangrijke begrippen in deze methode, voor zover deze niet al zijn opgenomen in de regelingstekst. De begrippen zijn niet alfabetisch gerangschikt, maar worden in een volgorde behandeld die bijdraagt aan het begrijpen van de samenhang tussen de begrippen.
Begrip | Definitie
NIKI | Nationale Investeringsmodule Klimaatprojecten Industrie
Restfractie | Fractie van producten uit het NIKI-proces met economische waarde die niet als NIKI-producten worden aangewezen.
Referentie | De referentie voor het NIKI-project is het totaal aan referentieproducten.
Fysiek identiek | (Nagenoeg) gelijke zuiverheid, concentratie, energiedichtheid bij verbranding (onderwaarde) en samenstelling.
Referentieproces | Het productieproces om een referentieproduct te vervaardigen.
Co-product | Verhandelbare producten die in het referentieproces worden vervaardigd maar geen referentieproduct zijn.
Productieoutput | Hoeveelheid NIKI-product in een vastgelegde eenheid die in een bepaalde tijdsperiode wordt geproduceerd.
Exploitatiefase | Aaneengesloten periode van 10 jaar na inbedrijfname van de NIKI-installatie, waarin de vervaardiging van het NIKI-product plaatsvindt.
Levenscyclus | De aansluitende stappen van grondstofwinning tot en met afdanking van producten.
Levenscyclusfase | Fase in de levenscyclus van een product. De NIKI CO2-emissiereductiemethode houdt rekening met emissies van broeikasgassen over meerdere fasen van de levenscyclus van producten.
NIKI rekenmodel CO2-emissiereductie | Door RVO beschikbaar gesteld Excel document, waarin de berekeningen en onderbouwingen worden vastgehouden. De instructies in de NIKI CO2-emissiereductiemethode zijn hierin leidend.
Input | Alle ingaande stromen naar een proces, inclusief grondstoffen, brandstoffen, energie, halffabricaten en tussenproducten.
Rigide input | Een input waarvan het aanbod niet verandert bij een verandering van de vraag naar dezelfde input.
Elastische input | Een input waarvan het aanbod een verandering van de vraag naar dezelfde input volgt door op- of afschaling van de productiecapaciteit.
Neveneffecten | Emissies die plaatsvinden als gevolg van het NIKI-project, die buiten de systeemgrens van de berekening vallen.
Om de leesbaarheid te bevorderen zullen we in dit document enkele begrippen in enkelvoud gebruiken. Dus, waar we bijvoorbeeld van product, installatie, input of referentieproces spreken, kan dit ook meerdere producten etc. betreffen.
Samenvatting van de NIKI CO2-emissiereductiemethode
Het vertrekpunt voor de CO2-emissiereductiemethode is het NIKI-product, dat in het NIKI-project wordt vervaardigd. In het projectplan beschrijft u alle producten en productieprocessen. Voor de berekening van de CO2-emissiereductie worden de emissies van NIKI-producten vergeleken met referentieproducten.
De CO2-emissiereductie door het NIKI-project berekent u door het verschil tussen de emissies van het referentieproduct en de emissies van het NIKI-product, gesommeerd over de productieoutput gedurende de exploitatiefase. De formule is opgenomen in figuur 1.
NIKI-producten en referentieproducten
- Regeling
- Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 25-09-2026
- BWB-id
- BWBR0035474
- Versie
- 2026-09-25_0