wetzoeker

Artikel 3.10.8 Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies

Seed capital startersfondsen

1 De minister rangschikt de aanvragen waarop niet afwijzend is beslist, hoger, naarmate:

a. de aanvrager meer kan steunen op relevante ervaring en deskundigheid. Dit blijkt uit:

1°. de ervaring en deskundigheid van management en direct betrokkenen op financieel gebied;

2°. de ervaring en deskundigheid van management en direct betrokkenen met betrekking tot business aspecten van technostarters;

3°. de omvang en toegevoegde waarde van relatienetwerk;

4°. de diversiteit in de samenstelling van het fondsmanagement;

b. het fondsplan doelmatiger is ingericht en meer bijdraagt aan de opbouw van succesvolle ondernemingen door technostartervennootschappen. Dit blijkt uit:

1°. de kwaliteit van het plan en de mate van zekerheid dat het plan ook daadwerkelijk zal worden uitgevoerd;

2°. de prijskwaliteitsverhouding en efficiency;

3°. het financieel-economisch rendement;

c. het fondsplan effectiever is in relatie tot de doelstelling van de regeling. Dit blijkt uit:

1°. de mate van maatschappelijk rendement;

2°. de mate waarin het fondsplan vernieuwend is.

2 Voor de rangschikking wegen de in het eerste lid vermelde criteria even zwaar.

Regeling
Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
25-09-2026
BWB-id
BWBR0035474
Versie
2026-09-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl