wetzoeker

Aanwijzing ex artikel 7 Wet marktordening gezondheidszorg (bekostiging huisartsenzorg en multidisciplinaire zorgverlening)

Aanwijzing van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 juli 2014, 642423-123512-MC, op grond van artikel 7 van de Wet marktordening gezondheidszorg inzake bekostiging huisartsenzorg en multidisciplinaire zorgverlening

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-09-2014
Rechtsgebied
Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Ministerie
Volksgezondheid, Welzijn en Sport
BWB-id
BWBR0035401
Versie
2014-09-01_0
SHA-256 bron
4921b29d6a616695f7ebd32673fcde5fad438fe3021908998548487f7101eebe

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (4)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4

Artikel 1

Deze aanwijzing is van toepassing op huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg. Multidisciplinaire zorg betreft zorg, waarvan huisartsenzorg een onderdeel is, die door zorgaanbieders van diverse disciplines in onderlinge samenhang wordt verleend.

Artikel 2

1 De Nederlandse Zorgautoriteit stelt met ingang van 1 januari 2015:

a. prestatiebeschrijvingen en maximumtarieven vast voor het segment basis huisartsenzorg;

b. prestatiebeschrijvingen en vrije tarieven vast voor het segment multidisciplinaire zorg;

c. prestatiebeschrijvingen en vrije tarieven vast voor het segment zorgvernieuwing en resultaatbeloning;

d. prestatiebeschrijvingen en vrije tarieven vast voor onderlinge dienstverlening.

2 Voor zorg die nog niet aan één van de in het eerste lid genoemde segmenten toegewezen is, blijven de bestaande tariefsoorten gelden.

Artikel 3

1 De Nederlandse Zorgautoriteit stelt jaarlijks voor zowel huisartsenzorg als multidisciplinaire zorg voor alle zorgaanbieders van de betreffende zorg een macrogrens vast als bedoeld in artikel 50, tweede lid, aanhef en onder c, van de Wet marktordening gezondheidszorg. Deze macrogrenzen worden bepaald op basis van de door de minister per brief te verstrekken bedragen.

2 Op basis van deze macrogrenzen stelt de Nederlandse Zorgautoriteit ambtshalve per individuele zorgaanbieder afzonderlijk een individuele bovengrens als bedoeld in artikel 50, tweede lid, aanhef en onder c, van de Wet marktordening gezondheidszorg vast, die indien de macrogrens niet is overschreden, gelijk is aan de door die zorgaanbieder in het betreffende jaar gerealiseerde omzet. Indien de macrogrens is overschreden is de individuele grens gelijk aan het procentuele aandeel van de gerealiseerde omzet van die zorgaanbieder in de totale omzet van dat jaar van alle zorgaanbieders gezamenlijk, vermenigvuldigd met de macrogrens.

Artikel 4

1 In geval van overschrijding van de individuele grens geeft de Nederlandse Zorgautoriteit individuele zorgaanbieders een aanwijzing in de zin van artikel 76, tweede lid, van de wet, tot de afdracht aan het Zorgverzekeringsfonds. Het af te dragen bedrag wordt vastgesteld op basis van de door de minister per brief te verstrekken bedragen die de Nederlandse Zorgautoriteit als basis dient te nemen voor handhaving van de macrogrenzen.

2 Indien de kosten van de afdracht en inning van het bedrag niet in verhouding staat met baten, kan de Nederlandse zorgautoriteit inning achterwege laten.