wetzoeker

Artikel 3.4 Boetebeleidsregel ACM 2014

Aanbesteden

1 De waarde van de overeenkomst wordt vastgesteld op grond van de volgende criteria:

a. in een onherroepelijk geworden oordeel van de rechter is de waarde van de overeenkomst vastgesteld,

b. indien onderdeel a niet kan worden toegepast, wordt de waarde van de overeenkomst op basis van een onherroepelijk geworden oordeel van de rechter berekend,

c. indien onderdeel b niet kan worden toegepast, blijkt de waarde van de overeenkomst uit de waarde van de inschrijving of vergelijkbare inschrijvingen,

d. indien onderdeel c niet kan worden toegepast, blijkt de waarde van de overeenkomst uit de documenten waarover de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf beschikt, die betrekking hebben op de aanbestedingsprocedure die ten grondslag aan de overeenkomst ligt of heeft gelegen,

e. indien onderdeel d niet kan worden toegepast, wordt de waarde van de overeenkomst vastgesteld aan de hand van historisch gebruik of verbruik van vergelijkbare opdrachten door de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf,

f. indien onderdeel e niet kan worden toegepast, wordt de waarde van de opdracht vastgesteld aan de hand van opgaven van ondernemingen die vergelijkbare opdrachten gewoonlijk uitvoeren.

2 De waarde van het deel van de overeenkomst dat niet is vernietigd wordt vastgesteld op de wijze beschreven in het eerste lid.

Regeling
Boetebeleidsregel ACM 2014
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
09-11-2023
BWB-id
BWBR0035322
Versie
2023-11-09_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl