wetzoeker

Artikel 2.8 Regeling diergeneeskundigen

Dierenfysiotherapeut

1 Het examen, bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, onderdeel c, van het besluit, bestaat uit de volgende onderdelen:

a. onderzoek en behandeling van pathologische afwijkingen bij een paard, en

b. onderzoek en behandeling van pathologische afwijkingen bij een hond.

2 Ieder examenonderdeel wordt door ten minste twee examinatoren beoordeeld.

3 De examinatoren drukken hun beoordeling van kennis, vaardigheid, beroepshouding en inzicht van de kandidaat in het examenonderdeel onafhankelijk van elkaar uit in een cijfer van 1 tot en met 10, in de vorm van gehele cijfers.

4 De eindcijfers van de examenonderdelen worden door de examinatoren in onderling overleg vastgesteld. Indien de examinatoren niet tot overeenstemming kunnen komen, beslist de voorzitter van de examencommissie.

5 Nadat de uitslag van alle examenonderdelen is vastgesteld, wordt de uitslag van het examen vastgesteld door de examencommissie.

6 De examencommissie draagt er zorg voor dat het ten behoeve van het behalen van de opleiding gemaakte schriftelijke werk gedurende een jaar na afloop van het laatste examenonderdeel ter inzage voor de kandidaat ter beschikking blijft.

Regeling
Regeling diergeneeskundigen
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-09-2026
BWB-id
BWBR0035238
Versie
2026-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl