wetzoeker

Artikel 3.2 Besluit houders van dieren

Algemeen

1 Het bevestigingsmiddel, waarmee de hond is vastgelegd, en de halsband, waaraan dat middel is bevestigd, zijn zodanig ontworpen dat er geen wurging of verwonding bij de hond optreedt.

2 Het bevestigingsmiddel heeft een zodanige lengte dat het dier voldoende bewegingsruimte wordt gelaten.

3 De hond wordt niet door obstakels belemmerd in de bewegingsvrijheid die hem door het bevestigingsmiddel, bedoeld in het eerste lid, wordt gelaten.

4 De hond heeft toegang tot een hok dat:

a. voldoende ruimte biedt aan die hond;

b. de hond bescherming biedt tegen nadelige weersinvloeden en kou;

c. eenvoudig kan worden gereinigd.

Regeling
Besluit houders van dieren
Soort
AMvB
Geldend vanaf
07-07-2026
BWB-id
BWBR0035217
Versie
2026-07-07_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl