II — Drempelcriteria (deel 1) Besluit vaststelling beleidsregels subsidiëring Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Strategische partnerschappen pleiten en beïnvloeden 2016–2020)
Drempelcriteria
Indien een voorstel niet aan één of meerdere criteria voldoet wordt deze afgewezen en niet verder beoordeeld. Deze criteria worden hieronder vermeld en indien nodig toegelicht.
De organisatie voldoet aan de onderstaande criteria:
D.1: de aanvrager, of in het geval van een alliantie, de penvoerder, is een Nederlandse of een in een lage- of lage-middeninkomensland (zie annex 1) gevestigde maatschappelijke organisatie zonder winstoogmerk en bezit rechtspersoonlijkheid. Toelichting: Dit blijkt uit de statuten van de organisatie. Hierbij geldt dat een Nederlandse organisatie is opgericht in Nederland, volgens Nederlands recht en statutair in Nederland is gevestigd. Een in een lage- of lage-middeninkomensland gevestigde maatschappelijke organisatie is een organisatie die statutair is gevestigd in één van de landen opgenomen in annex 11 en is opgericht in het land van vestiging volgens het daar geldende recht. Internationale maatschappelijke organisaties (INGO’s) gevestigd in een hooginkomensland of hoger-middeninkomensland komen niet in aanmerking als aanvrager en/of penvoerder. Wel kunnen zij in een alliantie deelnemen.
D.1.a: Maatschappelijke organisaties gevestigd in een lage- of lage-middeninkomensland opgenomen op de landenlijst van annex 1 bij dit aanvraagstramien kunnen op twee manieren deelnemen in een strategisch partnerschap: • als penvoerder van een alliantie, onder voorwaarde dat tenminste één Nederlandse maatschappelijke organisatie lid is van deze alliantie. • als één van de partners die deel uitmaken van een Nederlandse alliantie (d.w.z. een alliantie met een Nederlandse penvoerder). Toelichting: Dit wordt aangetoond door overlegging van een door betrokken partners getekende samenwerkingsovereenkomst in het kader van de alliantie. De samenwerkingsovereenkomst bevat een beschrijving van de wijze waarop elk van de partijen bijdraagt aan de werkzaamheden van de alliantie en van de wijze waarop de besluitvorming in de alliantie plaats vindt, alsook een overeenkomst tussen de partijen op grond waarvan de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen jegens de Minister is gewaarborgd.
D.2: De aanvrager/penvoerder en eventuele alliantiepartners zet (zetten) zich in voor structurele armoedebestrijding en inclusieve ontwikkeling door samenwerking met maatschappelijke organisaties in meer dan 3 lage- en lage-middeninkomenslanden (zie annex 1), waarbij de peildatum 1 januari 2014 is. Toelichting: Dit wordt aangetoond aan de hand van de doelstellingen van de organisatie zoals vermeld in de statuten en/of missie. Organisaties kunnen dit ook aantonen door overlegging van (of via hyperlink naar) interne (beleids-)documenten zoals (meerjaren)plannen en/of jaarverslagen. Geef de passage/bladzijde aan waarnaar wordt verwezen.
D.3: De aanvrager/penvoerder en eventuele alliantiepartners heeft (hebben) binnen het onder D.2 genoemde werkterrein en in de daar genoemde landen minimaal drie jaar gewerkt aan capaciteitsversterking van maatschappelijke organisaties in lage- en lage-middeninkomenslanden (zie annex 1) op het gebied van pleiten en beïnvloeden. Peildatum is 1 januari 2014. Toelichting: Dit wordt aangetoond door overlegging van (of via hyperlink naar) interne (beleids)documenten zoals jaarplannen en jaarverslagen, evaluaties en/of documenten van derden. Geef de passage/bladzijde aan waarnaar wordt verwezen.
D.4: De aanvrager/alliantie beschikt over meerdere relevante netwerken in het kader van pleiten en beïnvloeden. Toelichting: de aanvrager toont dit aan door overlegging van (of hyperlink naar) interne en/of externe documenten waaruit blijkt dat er sprake is van reguliere deelname aan voor pleiten en beïnvloeden relevante lokale, nationale en/of internationale netwerken. Geef de passage/bladzijde aan waarnaar wordt verwezen. Indien de aanvraag wordt ingediend namens een alliantie geldt dit criterium voor de alliantie als geheel en niet ten aanzien van elke van de deelnemende organisaties.
D.5: De aanvrager/penvoerder maakt aannemelijk dat vanaf 1 januari 2014 ten minste 25% van de jaarlijkse inkomsten afkomstig is uit bronnen anders dan BZ-bijdragen. Toelichting: De aanvrager onderbouwt dit aan de hand van de inkomsten over de periode 2011 t/m 2013. Indien de aanvrager penvoerder is voor een alliantie geldt dit criterium voor de gehele alliantie. Dat wil zeggen dat indien één van de deelnemende organisaties minder dan 25% van de jaarlijkse inkomsten uit andere dan BZ bijdragen verwerft, dit kan worden gecompenseerd door een andere partij uit de alliantie. Alle gelden die direct of indirect worden verkregen ten laste van de begroting van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (bijvoorbeeld een subsidie of bijdrage van een Nederlandse ambassade) tellen niet mee bij het bepalen van de omvang van de eigen inkomsten.
Jaarlijkse totale inkomsten in 2011: EUR ....., waarvan niet BZ: ..... Jaarlijkse totale inkomsten in 2012: EUR ....., waarvan niet BZ: ..... Jaarlijkse totale inkomsten in 2013: EUR ....., waarvan niet BZ: Verwachte inkomsten in 2014: EUR ....., waarvan niet BZ:
D.6: Wanneer de aanvrager/penvoerder een organisatie binnen Nederland betreft, dient het bruto salaris van management en bestuur van de aanvrager/ penvoerder aan de DG-norm te voldoen (maximaal EUR 129.500 per jaar, op grond van een 36-urige werkweek).Indien de aanvraag wordt ingediend namens een alliantie geldt dit criterium behalve voor de penvoerder tevens voor in de alliantie participerende Nederlandse organisaties en in de alliantie participerende organisaties binnen de EU. Het bruto salaris van management en bestuur van een aanvrager/penvoerder van buiten de EU staat niet later dan met ingang van het tijdvak waarvoor subsidie wordt verleend in redelijke verhouding tot het niveau van de functie, de geografische ligging en de omvang en complexiteit van de organisatie. Indien de aanvraag wordt ingediend namens een alliantie geldt dit criterium behalve voor de penvoerder tevens voor in de alliantie participerende organisaties van buiten de EU. Toelichting: Toelichting: De aanvrager specificeert de hoogte van de salarissen (inclusief toeslagen) van de leden van het management (inclusief CEO) en het bestuur.
Naam functie | Jaarsalaris (netto) | Overige inkomsten/toelagen
Aantal medewerkers organisatie:…. 1 Aantal medewerkers organisatie(onderdeel): 2 Jaarlijkse totale inkomsten in 2013: 3 Toelichting op complexiteit en strategische positionering van de organisatie (bijv. rol in het internationale beleid, werkterrein, kennisfunctie), op grond waarvan de hoogte van de salarissen is gerechtvaardigd: ..... Gebruik voor de conversie naar Euro’s, de corporate rates (annex 2)
D.7: De aanvrager/penvoerder is in staat tot een adequaat financieel beheer. De aanvrager kan door ervaringsdeskundigheid een doelgerichte en doelmatige uitvoering van de programma’s op het terrein van pleiten en beïnvloeden waarborgen. Toelichting:
- Regeling
- Besluit vaststelling beleidsregels subsidiëring Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Strategische partnerschappen pleiten en beïnvloeden 2016–2020)
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 10-07-2014
- BWB-id
- BWBR0035110
- Versie
- 2014-07-10_0