wetzoeker

I — Aardrijkskunde Regeling aanmelding en toelating hoger onderwijs

Aardrijkskunde

1. Geografische vragen beantwoorden

• De aspirant-student kan geografische vragen waarbij gebiedskenmerken belangrijk zijn herkennen en beantwoorden.

2. Geografische werkwijzen hanteren

• De aspirant-student kan verschijnselen en gebieden vergelijken in ruimte en tijd.

• De aspirant-student kan relaties leggen binnen een gebied en tussen gebieden.

• De aspirant-student kan verschijnselen en gebieden vanuit verschillende perspectieven beschrijven en verklaren.

• De aspirant-student kan verschijnselen en gebieden op verschillende schaalniveaus beschrijven en verklaren.

• De aspirant-student kan verschijnselen en gebieden beschrijven en verklaren door relaties te leggen tussen het bijzondere en algemene.

• De aspirant-student kan verschijnselen en gebieden in hun geografische context plaatsen.

3. Geografische hulpmiddelen inzetten

• De aspirant-student kan een (digitale) kaart selecteren en lezen als informatiebron op basis van titel, legenda, schaal, windroos, kaartsoort en kaarttype.

• De aspirant-student kan patronen in een gebied op een (digitale) kaart beschrijven.

• De aspirant-student kan op een (digitale) kaart patronen in een gebied verklaren met algemene geografische kennis.

Regeling
Regeling aanmelding en toelating hoger onderwijs
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-09-2026
BWB-id
BWBR0035059
Versie
2026-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl