wetzoeker

1 — Overzicht van te onderzoeken aspecten Warenwetregeling verpakkingen en gebruiksartikelen

Overzicht van te onderzoeken aspecten

Een verpakking, respectievelijk gebruiksartikel, hierna te noemen ‘materiaal’, moet voldoen aan de eisen die gesteld zijn op grond van of krachtens het Warenwetbesluit verpakkingen en gebruiksartikelen.

De eisen betreffen met name:

a. de kwalitatieve samenstelling van het materiaal;

b. de kwantitatieve samenstelling van het materiaal;

c. de migratie van bestanddelen van het materiaal in levensmiddelen of in levensmiddelsimulanten.

Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen:

– de gezamenlijke migratie van bestanddelen van het materiaal: de totale migratie

– de migratie van afzonderlijke bestanddelen van het materiaal: de specifieke migratie.

De totale migratie en de specifieke migratie van bestanddelen van een materiaal mogen de in deel A vastgestelde limieten niet overschrijden.

Migratie van niet opzettelijk toegevoegde stoffen (NIAS) dient te voldoen aan de eisen gesteld in artikel 3, onder a, van de Verordening (EG) nr. 1935/2004;

d. de sensorische kwaliteit van het materiaal;

e. de zuiverheid van de, voor de vervaardiging van een materiaal toegelaten grond- en hulpstoffen.

Voor de bepaling van de specifieke migratie verdient een methode van onderzoek uitgevoerd in het levensmiddel zelf bovenal de voorkeur. Indien een dergelijk onderzoek om praktische redenen niet mogelijk is, kan gebruik worden gemaakt van een methode uitgevoerd in simulanten. Praktische redenen kunnen van analytische oorsprong zijn maar ook toepassing van het materiaal voor contact met een breed scala aan levensmiddelen kan een goede reden zijn voor het gebruik van simulanten.

Door de snelle ontwikkeling van nieuwe analytische technieken, ten aanzien van identificatie, selectiviteit en detectielimiet van specifieke stoffen, is het niet zinvol om gedetailleerde analysemethoden in deze regeling op te nemen. Iedere analysemethode mag worden toegepast om overeenstemming met de regelgeving aan te tonen mits de methode een, bij het relevante criterium voor de betreffende stof (selectiviteit, detectiegrens, nauwkeurigheid, etc.), passende bepalingskarakteristiek heeft. Analysemethoden die worden toegepast dienen adequaat te zijn gevalideerd zodat de betrouwbaarheid van de betreffende analysemethode kan worden aangetoond via ondersteunende documenten.

In Sectie 5 en 6 van dit hoofdstuk en in hoofdstuk II zijn enkele voorschriften opgenomen die nog steeds bruikbaar zijn. Andere voorschriften zijn opgenomen omdat zij verbonden zijn aan bepaalde eisen in deze regeling of het gevolg zijn van de implementatie van EU-richtlijnen. De betreffende voorschriften moeten als richtlijn worden gezien tenzij uitdrukkelijk vermeld bij de betreffende stof of bij het betreffende voorschrift.

Regeling
Warenwetregeling verpakkingen en gebruiksartikelen
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
29-05-2026
BWB-id
BWBR0034991
Versie
2026-05-29_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl