0.3 — Stoffen niet opgenomen Warenwetregeling verpakkingen en gebruiksartikelen
Stoffen niet opgenomen
In afwijking van paragraaf 0.2 (b) mogen de volgende stoffen worden gebruikt of aanwezig zijn mits het eindproduct voldoet aan artikel 3 van Verordening (EG) nr. 1935/2004, en de totale migratielimiet of de specifieke migratielimiet niet wordt overschreden.
a) oplosmiddelen
Uitgezonderd zijn oplosmiddelen voor folie van geregenereerde cellulose.
b) aluminium-, ammonium-, barium-, calcium-, ijzer-, kalium-, kobalt-, koper-, lithium-, magnesium-, mangaan-, natrium- en zinkzouten (met inbegrip van dubbelzouten en zure zouten) van de toegelaten zuren, fenolen en alcoholen.
Migratie van bepaalde kationen dient te voldoen aan de limieten gesteld in Verordening (EU) nr. 10/2011, bijlage II.
Van kationen, die hier niet zijn genoemd en waarvoor in de hoofdstukken I-XII een specifieke migratielimiet is opgenomen, mag de som van de migratie van het betreffende kation, onafhankelijk van het toegelaten zout, niet hoger zijn dan de limiet opgenomen voor de individuele stof.
c) indien gebruikt als additief: natuurlijke of synthetische polymeren met een molecuulmassa van tenminste 1 000 Da, met uitzondering van door microbiële fermentatie verkregen macromoleculen, die aan de voorschriften van Verordening (EU) nr. 10/2011 voldoen, als zij kunnen fungeren als voornaamste structurele component van afgewerkte materialen of voorwerpen;
d) indien gebruikt als monomeer of andere uitgangsstof: prepolymeren en natuurlijke of synthetische macromoleculaire stoffen alsmede mengsels daarvan, met uitzondering van door microbiële fermentatie verkregen macromoleculen wanneer de monomeren of uitgangsstoffen, die nodig zijn voor de synthese van deze verbindingen, in bijlage I, tabel 1 van Verordening (EU) nr. 10/2011 zijn opgenomen.
e) stoffen die niet vallen onder onderdelen (a) tot en met (d) mogen worden gebruikt mits ze aan de volgende eisen voldoen:
– De migratie van de hier bedoelde stoffen naar levensmiddelen of levensmiddelsimulanten mag niet, met statistische zekerheid, overeenkomstig artikel 34, eerste, tweede, vierde tot en met zesde lid, en artikel 35, eerste en tweede lid, van verordening 2017/625
7 Verordening (EU) 2017/625 van het Europees parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009, (EU) nr. 1151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 1/2005 en (EG) nr. 1099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles) (PbEU 2017, L 95).
, aantoonbaar zijn met een analysemethode, die een aantoonbaarheidsgrens heeft van 0,01 mg/kg. Die grenswaarde wordt altijd uitgedrukt als concentratie (mg/kg) in levensmiddelen of levensmiddelsimulanten, of indien de verhouding van het oppervlak ten opzichte van de inhoud niet bekend is, wordt een oppervlakte: volume verhouding aangehouden van 6 dm2/kg voedsel;
– De grenswaarde (0,01 mg/kg) geldt voor de som van een groep verbindingen indien deze structureel en toxicologisch verwant zijn, met name isomeren of verbindingen met dezelfde relevante functionele groep;
– De grenswaarde (0,01 mg/kg) geldt ook voor stoffen die, via overdracht, migreren naar de voedselcontactzijde en tijdens contact met het voedsel migreren in het voedsel (set-off).
Stoffen bedoeld in dit onderdeel, mogen niet tot de volgende categorieën behoren:
– stoffen die zijn ingedeeld als „mutageen”, „kankerverwekkend” of „giftig voor de voortplanting” overeenkomstig de criteria van de punten 3.5, 3.6 en 3.7 van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 1272/2008
8 Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 (PbEG 2008, L 353).
;
– stoffen in nanovorm.
f) stoffen die niet opzettelijk zijn toegevoegd mogen aanwezig zijn, zoals:
– verontreinigingen van de gebruikte stoffen;
– tijdens de productie gevormde tussenproducten;
– reactie- of ontledingsproducten.
- Regeling
- Warenwetregeling verpakkingen en gebruiksartikelen
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 29-05-2026
- BWB-id
- BWBR0034991
- Versie
- 2026-05-29_0