wetzoeker

Mandaatregeling beheer College voor de rechten van de mens 2014

Regeling van de minister van Veiligheid en Justitie van 6 maart 2014, nr 476900 houdende verlening van mandaat en het geven van volmacht en machtiging ten aanzien van de beheersaangelegenheden van het College voor de rechten van de mens (Mandaatregeling beheer College voor de rechten van de mens 2014)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
15-03-2014
Rechtsgebied
Staats- en bestuursrecht, Staatsrecht
Ministerie
Veiligheid en Justitie
BWB-id
BWBR0034918
Versie
2014-03-15_0
SHA-256 bron
1a91ada57e784a4ddfba8f8d5b39f884d7af191b5e9535b33d5ea04c64f6286d

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (7)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. College: College voor de rechten van de mens als bedoeld in artikel 1 van de Wet College voor de rechten van de mens;

b. beheersaangelegenheid: taak die in het kader van het beheer wordt verricht binnen het bureau als bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de Wet College voor de rechten van de mens;

c. mandaat: bevoegdheid om namens de Minister van Veiligheid en Justitie besluiten te nemen;

d. volmacht: bevoegdheid om namens de Minister van Veiligheid en Justitie privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;

e. machtiging: bevoegdheid om namens de Minister van Veiligheid en Justitie handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

Artikel 2

1 Aan de voorzitter van het College wordt mandaat verleend ten aanzien van de beheersaangelegenheden van het College.

2 De voorzitter van het College wordt toegestaan ten aanzien van de in het eerste lid genoemde beheersaangelegenheden mandaat door te geven aan de directeur van het bureau van het College, die op zijn beurt wordt toegestaan het ondermandaat door te geven voor specifiek omschreven taken aan de hoofden die binnen het bureau belast zijn met beheerstaken.

Artikel 3

De in artikel 2 bedoelde functionarissen handelen bij de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden binnen de door de directeur Rechtsbestel van het ministerie van Veiligheid en Justitie vastgestelde financiële kaders voor het beheer van het College.

Artikel 4

Voor de toepassing van deze regeling en de op grond daarvan verleende en doorgegeven mandaten worden met mandaat en ondermandaat gelijk gesteld volmacht en machtiging.

Artikel 5

De Mandaatregeling beheer CBP, CGB, CJD en bureau NVvR wordt ingetrokken.

Artikel 6

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 7

Deze regeling wordt aangehaald als: Mandaatregeling beheer College voor de rechten van de mens 2014.