wetzoeker

Artikel 1 Onderlinge regeling Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten ex art. 38, eerste lid, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (beschikbaarstelling detentiecapaciteit)

1 Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten, hierna ook aan te duiden als de landen en elk afzonderlijk als land, stellen ten behoeve van elkaar detentiecapaciteit ter beschikking op de wijze, bij deze onderlinge regeling bepaald.

2 Voor de toepassing van deze regeling wordt onder detentiecapaciteit verstaan de beschikbare verblijfsruimte voor het onderbrengen van personen aan wie rechtens hun vrijheid is ontnomen op grond van een bevel tot voorlopige hechtenis of een veroordeling tot een vrijheidsstraf, hierna ook aangeduid als gedetineerden.

3 De toepasselijkheid van deze regeling beperkt zich wat betreft Nederland tot de detentiecapaciteit op Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Regeling
Onderlinge regeling Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten ex art. 38, eerste lid, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (beschikbaarstelling detentiecapaciteit)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
13-02-2014
BWB-id
BWBR0034807
Versie
2014-02-13_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl