wetzoeker

Besluit bestuurlijke boetes echtheids- en geschiktheidscontrole van eurobankbiljetten en euromunten

Besluit van 13 januari 2014 tot vaststelling van de bedragen van de bestuurlijke boetes op grond van artikel 9c, derde lid, van de Bankwet 1998 en artikel 11, derde lid, van de Muntwet 2002 (Besluit bestuurlijke boetes echtheids- en geschiktheidscontrole van eurobankbiljetten en euromunten)

Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-03-2014
Rechtsgebied
Bank- en effectenrecht, financiering, Bankrecht, Financieel en economisch recht
Ministerie
Financiën
BWB-id
BWBR0034714
Versie
2014-03-01_0
SHA-256 bron
c1554370aa89d6ccf86d8da0cd6e5dce2756a9a356370079a5910b3a7aae8827

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (5)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5

Artikel 1

1 Het basisbedrag voor de bestuurlijk boete, bedoeld in artikel 9c, tweede lid, van de Bankwet 1998 bedraagt:

a. € 25.000, indien sprake is van een overtreding als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de verordening valsemunterij voor zover de overtreding betrekking heeft op eurobankbiljetten;

b. € 15.000, indien sprake is van een overtreding als bedoeld in artikel 9a, eerste tot en met derde lid, van de Bankwet 1998;

c. € 25.000, indien sprake is van een overtreding als bedoeld in artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht.

2 De Nederlandsche Bank N.V. kan het basisbedrag met ten hoogste 100% verlagen of met ten hoogste 50% verhogen, indien de ernst of de duur van de overtreding een dergelijke verlaging of verhoging rechtvaardigt.

3 De Nederlandsche Bank N.V. kan voorts het basisbedrag met ten hoogste 100% verlagen of met ten hoogste 50% verhogen, indien de mate van verwijtbaarheid van de overtreder een dergelijke verlaging of verhoging rechtvaardigt.

Artikel 2

1 Het basisbedrag voor de bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 11, tweede lid, van de Muntwet 2002 bedraagt:

a. € 12.500, indien sprake is van een overtreding als bedoeld in artikel 6, eerste lid van de verordening valsemunterij voor zover de overtreding betrekking heeft op euromunten;

b. € 7.500, indien sprake is van een overtreding als bedoeld in de artikelen 3, eerste en tweede lid, en 4, eerste lid, van de verordening echtheids- en geschiktheidscontrole euromunten;

c. € 25.000, indien sprake is van een overtreding als bedoeld in artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht.

2 De Nederlandsche Bank N.V. kan het basisbedrag met ten hoogste 100% verlagen of met ten hoogste 50% verhogen, indien de ernst of de duur van de overtreding een dergelijke verlaging of verhoging rechtvaardigt.

3 De Nederlandsche Bank N.V. kan voorts het basisbedrag met ten hoogste 100% verlagen of met ten hoogste 50% verhogen, indien de mate van verwijtbaarheid van de overtreder een dergelijke verlaging of verhoging rechtvaardigt.

Artikel 3

1 De Nederlandsche Bank N.V. houdt bij het vaststellen van een bestuurlijke boete rekening met de draagkracht van de overtreder.

2 De Nederlandsche Bank N.V. kan op basis van het eerste lid de op te leggen bestuurlijke boete verlagen met maximaal 100 procent.

Artikel 4

Het Besluit bestuurlijke boetes Bankwet 1998 wordt ingetrokken.

Artikel 5

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bestuurlijke boetes echtheids- en geschiktheidscontrole van eurobankbiljetten en euromunten.