wetzoeker

Artikel 46 Wet lokaal spoor

Toezicht en handhaving

1 Overtreding van de artikelen 15, eerste lid, onderdelen c en d, en 25, vierde lid, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van de tweede categorie.

2 Overtreding van de artikelen 15, eerste lid, onderdelen a en b, en 41, vierde lid, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de derde categorie.

3 Overtreding van de artikelen 41, eerste tot en met derde lid, 47, derde lid, en 48, tweede, zesde, achtste en negende lid, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie.

4 Bij veroordeling van een persoon die een veiligheidsfunctie uitoefent, wegens overtreding van artikel 41, eerste of tweede lid, kan hem de bevoegdheid tot het uitoefenen van die functie voor ten hoogste vijf jaren worden ontzegd.

5 Bij veroordeling van een persoon die een veiligheidsfunctie uitoefent, wegens overtreding van het bepaalde krachtens deze wet, kan hem in die gevallen waarin dit bij algemene maatregel van bestuur is bepaald, de bevoegdheid tot het uitoefenen van die functie voor ten hoogste twee jaar worden ontzegd.

6 De feiten strafbaar gesteld bij dan wel krachtens de in het eerste en tweede lid bedoelde bepalingen zijn overtredingen. De in het derde lid strafbaar gestelde feiten zijn misdrijven.

Regeling
Wet lokaal spoor
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2024
BWB-id
BWBR0034363
Versie
2024-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl