wetzoeker

Artikel 13 Wet gebruik Friese taal

Gebruik van de Friese taal in het rechtsverkeer

Indien een verdachte of getuige zich ter terechtzitting in een strafzaak buiten de gevallen bedoeld in artikel 11 wil bedienen van de Friese taal en aannemelijk maakt dat hij zich in het Nederlands onvoldoende kan uitdrukken, bepaalt de rechter die de leiding van de zitting heeft, indien hij zulks wenselijk acht, dat bijstand wordt verleend door een tolk. Artikel 276 van het Wetboek van Strafvordering is van toepassing.

Regeling
Wet gebruik Friese taal
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2024
BWB-id
BWBR0034047
Versie
2024-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl