wetzoeker

Uitvoeringsbesluit wederzijdse erkenning toezichtmaatregelen als alternatief voor voorlopige hechtenis

Besluit van 19 juli 2013, houdende regels ter uitvoering van de artikelen 5:3:3, tweede lid, en 5:3:10, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering (Uitvoeringsbesluit wederzijdse erkenning toezichtmaatregelen als alternatief voor voorlopige hechtenis)

Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-11-2013
Rechtsgebied
Procesrecht, Strafprocesrecht
Ministerie
Veiligheid en Justitie
BWB-id
BWBR0033717
Versie
2013-11-01_0
SHA-256 bron
65112affee4aab19ea5bd2fd8e7ba5eb5a25653f65b0af1223cfca46b003d0b9

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (4)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4

Artikel 1

Als verplichting die op grond van artikel 5:3:3, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering in Nederland ten uitvoer kan worden gelegd, wordt aangewezen: de verplichting tot het ondergaan van elektronisch toezicht.

Artikel 2

De lijst met feiten of soorten van feiten, bedoeld in artikel 5:3:10, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering, luidt als volgt:

1. Deelneming aan een criminele organisatie

2. Terrorisme

3. Mensenhandel

4. Seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie

5. Illegale handel in verdovende middelen en psychotrope stoffen

6. Illegale handel in wapens, munitie en explosieven

7. Corruptie

8. Fraude, met inbegrip van fraude waardoor de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen worden geschaad in de zin van de Overeenkomst van 26 juli 1995 betreffende de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen

9. Witwassen van opbrengsten van misdrijven

10. Valsemunterij, met inbegrip van namaak van de euro

11. Computercriminaliteit

12. Milieumisdrijven, met inbegrip van de illegale handel in bedreigde diersoorten en de illegale handel in bedreigde planten- en boomsoorten

13. Hulp bij illegale binnenkomst en illegaal verblijf

14. Moord en doodslag, zware mishandeling

15. Illegale handel in menselijke organen en weefsels

16. Ontvoering, wederrechtelijke vrijheidsberoving en gijzeling

17. Racisme en vreemdelingenhaat

18. Georganiseerde of gewapende diefstal

19. Illegale handel in cultuurgoederen, waaronder antiquiteiten en kunstvoorwerpen

20. Oplichting

21. Racketeering en afpersing

22. Namaak van producten en productpiraterij

23. Vervalsing van administratieve documenten en handel in valse documenten

24. Vervalsing van betaalmiddelen

25. Illegale handel in hormonale stoffen en andere groeibevorderaars

26. Illegale handel in nucleaire of radioactieve stoffen

27. Handel in gestolen voertuigen

28. Verkrachting

29. Opzettelijke brandstichting

30. Misdrijven die onder de rechtsmacht van het Internationaal Strafhof vallen

31. Kaping van vliegtuigen en schepen

32. Sabotage.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de wet van 5 juni 2013 tot implementatie van kaderbesluit 2009/829/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 23 oktober 2009 inzake de toepassing tussen de lidstaten van de Europese Unie, van het beginsel van wederzijdse erkenning op beslissingen inzake toezichtmaatregelen als alternatief voor voorlopige hechtenis (PbEU L 294) (Stb. 2013, 250) in werking treedt.

Artikel 4

Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsbesluit wederzijdse erkenning toezichtmaatregelen als alternatief voor voorlopige hechtenis.