4.3 — Stap 3 Locatiespecifieke risicobeoordeling Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013
Stap 3 Locatiespecifieke risicobeoordeling
Stap 3 is schematisch weergeven in figuur 4. In deze stap worden de concentratie respirabele vezels in de bodem en eventueel in huisstof getoetst.
Respirabele vezels zijn vezels die kunnen worden ingeademd en in de longen terecht kunnen komen. Dit zijn vezels met een diameter kleiner dan 3 μm en een lengte kleiner dan 200 μm. Eventueel worden in tweede instantie metingen verricht naar het gehalte aan vezels dat zich ten gevolge van secundaire besmetting in binnenhuisstof bevindt. Secundaire besmetting wordt veroorzaakt doordat asbest afkomstig van verontreinigd bodemmateriaal aan kleding of schoeisel hecht en naar binnen wordt gelopen. Binnenshuis kunnen asbestvezels van de kleding of het schoeisel afvallen. Om tegemoet te komen aan toekomstige situaties dient de toetsing van de te verwachten emissie van respirabele asbestvezels vanuit de bodem naar de buitenlucht of vanuit binnenhuisstof naar de binnenlucht onafhankelijk van de daadwerkelijke gebruikssituatie en omgevingsfactoren plaats te vinden.
Bepalen en toetsen concentratie respirabele vezels in de contactzone.
Als een te beoordelen locatie in stap 3 terecht komt dient de concentratie aan respirabele vezels in de contactzone van de bodem te worden bepaald. Bij de contactzone gaat het om het gedeelte van de bodem dat door betreden, berijden of graafwerkzaamheden wordt beïnvloed. De dikte van de contactzone is afhankelijk van het gebruik van de bodem en dient gemotiveerd te worden. Voor de contactzone wordt als standaard een diepte van 2 centimeter aangehouden, omdat bij betreden en berijden de concentratie aan de oppervlakte het meest relevante criterium is. In geval van graafwerkzaamheden moet de diepte aan worden gehouden van de bodemzone waarin deze werkzaamheden plaats kunnen vinden.
De methode om de respirabele vezels in de contactzone te bepalen is beschreven in de NEN 5707. In paragraaf 1 van hoofdstuk 10 van deze NEN is beschreven hoe een bodemmonster wordt samengesteld en gedroogd. In paragraaf 4 van hoofdstuk 10 is de methode beschreven om de concentratie respirabele vezels te bepalen. Afwijkend van de NEN 5707 dient echter het totale gedroogde monster te worden gezeefd over een 4 mm zeef en daarna pas een deelmonster van 20 grepen van tenminste 5 gram te worden samengesteld. De reden van de afwijking van NEN 5707 is dat het bij deze bepaling gewenst is om via het zeefproces zoveel mogelijk vezels vrij te maken, zodat sprake is van een realistisch ‘worst case’ scenario voor het bepalen van de respirabele fractie.
Toetsing van de concentratie aan respirabele vezels vindt plaats door vergelijking van de gemeten concentratie met een concentratie van 10 mg/kg d.s. (gewogen). Bij overschrijding van deze concentratie is sprake van ‘onaanvaardbare risico’s buiten’. Indien deze concentratie niet wordt overschreden is er geen sprake van ‘onaanvaardbare risico’s buiten’. Omdat in dat geval ook geen hoge concentratie aan respirabele vezels door secundaire besmetting in huistof kan ontstaan, is er ook geen sprake van ‘onaanvaardbare risico’s binnen’. In onderstaand kader staat een toelichting op de risicogrens die voor respirabele vezels in de bodem wordt gehanteerd.
In theorie zou er sprake kunnen zijn van een verontreiniging met meer dan 10 mg/kg d.s. aan respirabele asbestvezels, terwijl de totaalconcentratie aan asbest onder de interventiewaarde ligt. Uit onderzoek dat TNO heeft uitgevoerd blijkt echter dat zelfs voor het meest ‘losse’ niet-hechtgebonden asbest (vrijwel ongebonden asbest) het aandeel aan respirabele vezels nooit meer zal zijn dan 5–10% (zie RIVM-rapport 711701034/2003). Dit betekent dat bij een asbestconcentratie in de grond van 100 mg/kg d.s. de concentratie aan respirabele vezels nooit meer zal zijn dan 5–10 mg/kg d.s.
Bepalen en toetsen concentratie asbestvezels in huisstof
Wanneer er op basis van de concentratie respirabele vezels in de bodem sprake is van ‘onaanvaardbare risico’s buiten’ en secundaire besmetting binnen een gebouw niet valt uit te sluiten, dient in het kader van dit protocol de hoeveelheid asbestvezels in binnenhuisstof te worden bepaald. Dit gebeurt op basis van NEN 2991: 2005 ‘Lucht – risicobeoordeling in en rondom gebouwen of constructies waarin asbesthoudende materialen zijn verwerkt’ (zie toelichting in kader hieronder).
In binnenhuisstof worden niet alleen de respirabele vezels, maar alle asbesthoudende materialen meegenomen. Dit omdat er van uit wordt gegaan dat door de grote activiteit binnenshuis de niet respirabele vezelstructuren na verloop van tijd kunnen splijten. Op basis van NEN 2991 wordt de hoeveelheid ‘gesedimenteerde’ asbestvezels (in vezels/cm2) bepaald.
In het kader van het ‘protocol asbest’ dient deze bepaling niet te worden uitgevoerd als er binnenshuis niet afgeschermde, niet-hechtgebonden asbesthoudende materialen aanwezig zijn die niet afkomstig zijn van de bodem, waarbij een risico op vezelemissie bestaat. In dat geval kan er namelijk geen onderscheid worden gemaakt of de vezels afkomstig zijn van de verontreinigde bodem of van de asbesthoudende materialen binnenshuis en kunnen ‘onaanvaardbare risico’s binnen’ ten gevolge van bodemverontreiniging niet worden uitgesloten.
Toetsing van de concentratie asbestvezels in huisstof vindt plaats door vergelijking van de gemeten concentratie met een concentratie van 30 vezels/cm2. Bij overschrijding van deze concentratie is sprake van ‘onaanvaardbare risico’s binnen’.
NEN 2991: 2005: Lucht – Risicobeoordeling in en rondom gebouwen of constructies waarin asbesthoudende materialen zijn verwerkt. De norm beschrijft hoe door het uitvoeren van visuele inspectie wordt beoordeeld of risicovolle asbestbronnen aanwezig zijn. De inspectie dient in bepaalde gevallen te worden aangevuld met metingen van de asbestconcentratie in de binnenlucht. De toe te passen methode voor de metingen en toetsing is in de norm beschreven.
Geen zoekvragen. Wat u typt, wordt alleen gebruikt om de resultaten te maken en daarna vergeten.
Geen IP-adressen, geen bezoekerslogboek en geen lijst van geopende regelingen.
Geen cookies en geen accounts. Daarom vragen wij ook geen toestemming voor cookies.
Geen lokale opslag in uw browser, met één uitzondering die u zelf kiest: klikt u bij de melding over bladwijzers op "Niet meer tonen", dan onthoudt uw browser dat (sleutel wetzoeker.bladwijzer). Dat blijft op uw eigen toestel, wordt nooit naar ons gestuurd en kunt u wissen door de sitegegevens in uw browser te verwijderen.
Geen analytics, geen tracking, geen profielen en geen advertenties.
Geen externe lettertypen, scripts of afbeeldingen. Uw browser praat alleen met deze site.
Welke gegevens wij wel kort gebruiken
Om de site te kunnen tonen, ontvangt de server uw IP-adres. Dat is een persoonsgegeven. Wij gebruiken het voor twee dingen:
De verbinding zelf. Zonder IP-adres kan de server het antwoord niet terugsturen. Dit duurt zolang het verzoek duurt.
Bescherming tegen misbruik. Eén aansluiting mag een beperkt aantal zoekopdrachten per minuut doen. Daarvoor houdt de server in het werkgeheugen een teller bij. Die teller hangt niet aan uw IP-adres, maar aan een code die daaruit wordt berekend met een geheime sleutel (HMAC-SHA-256). De sleutel wordt bij elke herstart opnieuw gemaakt en nergens bewaard. Zonder die sleutel is de code niet terug te rekenen naar uw IP-adres.
Gaat er op de server iets technisch mis, dan wordt de foutmelding bewaard, zonder IP-adres, adresregel of andere gegevens van uw verzoek.
Rechtsonder staat hoeveel zoekopdrachten er in totaal op deze site zijn gedaan. Iedere zoekopdracht telt mee. Wij bewaren alleen dat ene getal: niet wat er is gezocht, niet wanneer en niet door wie.
Grondslag
Wij gebruiken uw IP-adres op grond van ons gerechtvaardigd belang (artikel 6, lid 1, onder f AVG): de site bereikbaar, veilig en beschikbaar houden voor iedereen. Wij gebruiken het voor niets anders.
Hoe lang
IP-adres voor de verbinding: alleen tijdens het verzoek.
Teller tegen misbruik: in het werkgeheugen, weg na maximaal 15 minuten zonder verkeer. Bij een herstart is alles direct weg. Niets hiervan komt op schijf.
Wie de gegevens nog meer kan zien
De server staat bij een hostingpartij in Nederland. Die levert de machine en het netwerk en verwerkt daarbij technisch het netwerkverkeer. Wij delen geen gegevens met anderen en verkopen niets. Er gaan geen gegevens naar landen buiten de Europese Economische Ruimte.
Geautomatiseerde besluiten
Doet u te veel zoekopdrachten in korte tijd, dan krijgt u even de melding "Te veel verzoeken". Na ongeveer een minuut kunt u verder. Er worden geen andere besluiten over u genomen en er worden geen profielen gemaakt.
Uw rechten
U hebt recht op inzage, correctie, verwijdering, beperking en bezwaar. Omdat wij niets over u opslaan, kunnen wij u meestal niet terugvinden en is er dus ook niets in te zien of te verwijderen (artikel 11 AVG). U kunt ons altijd een vraag stellen via rechtspraak.zoeker.tipper155@passmail.net.
Bent u het niet eens met hoe wij met gegevens omgaan, dan kunt u een klacht indienen bij de Autoriteit Persoonsgegevens.
Wat u zelf ziet en bewaart
Uw zoekvraag staat in de adresbalk (bijvoorbeeld /?q=diefstal). Die komt in de geschiedenis van uw eigen browser, niet bij ons.
Klikt u naar een andere site, zoals wetten.overheid.nl, dan geeft uw browser niet door vanaf welke pagina u kwam.
De site werkt alleen via een versleutelde verbinding (HTTPS). Uw internetprovider kan zien dat u deze site bezoekt, maar niet wat u zoekt of leest.
Waar de wetteksten vandaan komen
De server haalt de teksten zelf één keer per dag op bij de overheid. Opent u een oudere versie van een regeling die nog niet op de server staat, dan haalt de server die versie op dat moment op. Dat verzoek komt van de server, niet van u, en er gaat niets over u mee. Wij bewaren niet wie om welke versie vroeg.
Colofon
wetzoeker maakt alle geldende landelijke regelgeving van Nederland doorzoekbaar.
Dit is een niet-commerciële site. Er worden geen producten of diensten verkocht en er is geen reclame.
Bron
De teksten komen uit het Basiswettenbestand (BWB) van de overheid. Dat is dezelfde bron als die van wetten.overheid.nl. Op wetten, besluiten en verordeningen rust geen auteursrecht (artikel 11 Auteurswet). Van elk opgehaald bronbestand wordt een SHA-256-hash bewaard, zichtbaar op de pagina van de regeling.
Geen officiële bron, geen advies
De teksten worden automatisch overgenomen en kunnen fouten bevatten of achterlopen. Alleen de tekst op wetten.overheid.nl is de geldende tekst. Deze site geeft geen juridisch advies. Wij zijn niet aansprakelijk voor schade door het gebruik van deze site.
Toegankelijkheid
Wij willen dat iedereen deze site kan gebruiken, en richten ons op de richtlijnen WCAG 2.2 niveau AA. De site werkt helemaal met het toetsenbord (/ springt naar de zoekbalk), heeft genoeg contrast en houdt rekening met de instelling voor minder beweging. Loopt u ergens tegenaan, laat het ons weten via rechtspraak.zoeker.tipper155@passmail.net.
Beveiliging
Hebt u een zwakke plek in deze site gevonden? Meld het via rechtspraak.zoeker.tipper155@passmail.net. Wij vragen u om de zwakke plek niet te misbruiken, geen gegevens van anderen in te zien en ons de tijd te geven om het op te lossen. Zie ook security.txt.
Privacy
Deze site bewaart geen gegevens over bezoekers. Lees de privacyverklaring.
Software
wetzoeker is open source onder de European Union Public Licence (EUPL-1.2) en draait zonder diensten van derden.