wetzoeker

Subsidieregeling Kenniscentrum Europa decentraal 2013

Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 10 juni 2013, nr. 2013-0000329545, houdende regels voor de subsidiëring van de Stichting Europa decentraal; Kenniscentrum Europees recht en beleid (Subsidieregeling Kenniscentrum Europa Decentraal 2013)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
29-10-2021
Rechtsgebied
Financieel en economisch recht
Ministerie
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
BWB-id
BWBR0033570
Versie
2021-10-29_0
SHA-256 bron
609671037c54a40ab6722896db4cd802983968fa824e31c50ba601c1340427b1

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (10)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 6a
  8. Artikel 7
  9. Artikel 8
  10. Artikel 9

§ 1 — Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

b. Kenniscentrum: de Stichting Europa decentraal; Kenniscentrum Europees recht en beleid voor decentrale overheden.

§ 1 — Algemene bepalingen

Artikel 2

1 De minister verstrekt aan het Kenniscentrum een subsidie voor het geven van voorlichting aan, het verspreiden van kennis onder, het signaleren van relevante ontwikkelingen voor en het coördineren van rapportages en kennisgevingen door provincies, gemeenten en waterschappen op het terrein van de Europese regelgeving en het Europese beleid dat voor deze organen van belang is in de decentrale praktijk.

2 De subsidie wordt per boekjaar verstrekt. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

§ 1 — Algemene bepalingen

Artikel 3

De subsidie, bedoeld in artikel 2, bedraagt ten hoogste het bedrag dat uit de begroting van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties blijkt.

§ 2 — De subsidieverlening

Artikel 4

Het Kenniscentrum dient de aanvraag tot subsidieverlening uiterlijk in op 1 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarop de subsidie betrekking heeft.

§ 3 — Voorschotverlening

Artikel 5

1 De minister verstrekt voorschotten per boekjaar.

2 Het totaal van de voorschotten voor een boekjaar bedraagt 100 procent van de voor dat jaar verleende subsidie.

3 De voorschotten worden als volgt verstrekt:

a. 80 procent van de voor een boekjaar verleende subsidie in januari van dat boekjaar;

b. 20 procent van de voor een boekjaar verleende subsidie in juni van dat boekjaar.

4 De minister kan een voorschot een maand later verstrekken, nadat het Kenniscentrum hiervan in kennis is gesteld.

§ 4 — De verplichtingen van de subsidieontvanger

Artikel 6

Het Kenniscentrum start de uitvoering van de activiteiten binnen het jaar waarvoor de subsidie is verleend.

§ 4 — De verplichtingen van de subsidieontvanger

Artikel 6a

1 Het Kenniscentrum kan een egalisatiereserve vormen als bedoeld in artikel 4:72 van de Algemene wet bestuursrecht.

2 De jaarlijkse toevoegingen aan de egalisatiereserve bedraagt ten hoogste 5 procent van de over het boekjaar verleende subsidie. De egalisatiereserve bedraagt ten hoogste 10 procent van de over het boekjaar verleende subsidie.

3 De egalisatiereserve wordt uitsluitend aangewend voor kosten die direct samenhangen met de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid.

§ 5 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 7

Een subsidie die is verleend krachtens de Subsidieregeling Kenniscentrum Europa decentraal wordt aangemerkt als een subsidie, verleend krachtens deze regeling.

§ 5 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 8

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2013 en vervalt met ingang van 1 januari 2027.

§ 5 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Kenniscentrum Europa decentraal 2013.