wetzoeker

Artikel 1 Regeling inhouding vaste vergoeding bij buitengewoon verlof op grond van artikel 45 Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren

1 Op de rechterlijk ambtenaar die is benoemd of verkozen in een publiekrechtelijke college is artikel 2 van de regeling Taakduren lidmaatschap publiekrechtelijke colleges zoals dat gold tot en met 31 december 2019 van toepassing, met dien verstande dat:

a. onder betrokkene wordt verstaan: de rechterlijk ambtenaar bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren;

b. onder artikel 33a, eerste lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement of artikel 57, eerste lid, van het Ambtenarenreglement Staten-Generaal wordt verstaan: artikel 38b van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren.

2 De inhouding bedraagt niet meer dan wat de betrokkene wordt geacht te ontvangen als vaste vergoeding voor de in artikel 2, van de regeling Taakduren lidmaatschap publiekrechtelijke colleges zoals dat gold tot en met 31 december 2019 genoemde functies.

Regeling
Regeling inhouding vaste vergoeding bij buitengewoon verlof op grond van artikel 45 Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
30-05-2020
BWB-id
BWBR0033569
Versie
2020-05-30_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl