II — Digitaliseringseisen Regeling aanvraag- en verdeelprocedure vergunningen kavels A7, B38 en C08 met bijbehorende vergunningen voor digitale radio-omroep
Digitaliseringseisen
De doorgifte-overeenkomst dient aan de volgende eisen te voldoen:
1. De opdrachtnemer verspreidt met gebruikmaking van zijn vergunning voor digitale radio-omroep vanaf 1 september 2014 tot en met 31 augustus 2017 één programmakanaal, bestaande uit een aanbod van radioprogramma’s, een en ander in de zin van artikel 1.1 Mediawet 2008, dat hem door de vergunninghouder ter beschikking wordt gesteld, zijnde het aanbod dat de vergunninghouder uitzendt met gebruikmaking van vergunning kavel B38 of vergunning kavel C08. Het programmakanaal wordt verspreid in het gebied, c.q. de gebieden, bedoeld onder 2, waarbij wordt voldaan aan de eisen, bedoeld onder 3.
2a. Indien de doorgifte-overeenkomst de digitalisering betreft van vergunning kavel B38 of vergunning kavel C08, wordt het in punt 1 bedoelde radioprogrammakanaal verspreid in een of meer gebieden:
a. met vanaf 1 september 2015 (gezamenlijk) een grootte van ten minste:
i. het voorspelde maximale theoretische verzorgingsgebied van de te verlenen vergunning overdag, zoals berekend op basis van de van toepassing zijnde planningsnorm (*) (verder: het analoge verzorgingsgebied);
of, indien dat kleiner is:
ii.
– gedurende de periode 1 september 2015 tot en met 31 december 2016: 2988,4 km2 (=8% van Nederland) (**);
– gedurende de periode 1 januari 2017 tot en met 1 september 2017: 5976,8 km2 (=16% van Nederland) (**);
en
b. waarvan (tezamen) ten minste 80% overlapt met het analoge verzorgingsgebied.
2b. Indien de doorgifte-overeenkomst de digitalisering betreft van vergunning kavel B38 én vergunning kavel C08, wordt het in punt 1 bedoelde radioprogrammakanaal uitgezonden in een of meer gebieden:
a. met vanaf 1 september 2015 gezamenlijk een grootte van ten minste:
i. de voorspelde maximale theoretische verzorgingsgebieden van de te verlenen vergunningen overdag, zoals berekend op basis van de van toepassing zijnde planningsnorm (*), met dien verstande dat theoretische verzorgingsgebieden voor zover zij elkaar overlappen maar één keer meetellen bij de berekening van de grootte van de gebieden waar die dienst moet worden aangeboden (verder: het analoge verzorgingsgebied);
of, indien dat kleiner is,
ii.
– gedurende de periode 1 september 2015 tot en met 31 december 2016: 2988,4 km2 (=8% van Nederland) (**);
– gedurende de periode 1 januari 2017 tot en met 1 september 2017: 5976,8 km2 (=16% van Nederland) (**);
en
b. waarvan (tezamen) ten minste 80% overlapt met het analoge verzorgingsgebied.
3. Het radioprogrammakanaal, bedoeld onder 1:
a. kan op ten minste 98 procent van de locaties in de gebieden, bedoeld onder 2, op iedere tijdstip waarop een radioprogramma wordt uitgezonden met gebruikmaking van vergunning kavel B38 of vergunning kavel C08, zonder storingen of onderbrekingen worden ontvangen, waarbij in motorrijtuigen als bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994 de ontvangst moet kunnen worden gerealiseerd met een gangbare ontvanger die bestemd is voor ontvangst in motorrijtuigen en een standaardantenne en waarbij in andere gevallen de ontvangst op een hoogte van anderhalve meter boven het maaiveld moet kunnen worden gerealiseerd met een gangbare ontvanger voor portable ontvangst, en
b. wordt uitgezonden in een geluidskwaliteit die gelijk is aan 192 kb/s (stereo-uitzending), indien gebruikt wordt gemaakt van MPEG 2, in een geluidskwaliteit die gelijk is aan 48 kb/s (stereo-uitzending), indien gebruik wordt gemaakt van AAC+, of, indien gebruik wordt gemaakt van een andere techniek, met een geluidskwaliteit die ten minste vergelijkbaar is met de kwaliteit die met stereo kan worden behaald door middel van de twee genoemde technieken, en
c. bevat de radioprogramma’s die tevens door middel van vergunning kavel B38 of vergunning kavel C08 worden uitgezonden, met dien verstande dat die radioprogramma’s gelijktijdig en ongewijzigd digitaal dienen te worden uitgezonden.
4. De doorgifte-overeenkomst bevat een passend boetebeding voor gevallen waarin de opdrachtnemer in gebreke is bij het nakomen van de onder 1 bedoelde verplichting.
(*) Planningsnormen
De van toepassing zijnde planningsnorm voor vergunning B38 is de planningsnorm die is gebruikt bij de uitgifte van FM-vergunningen in 2003 en nadien. Deze planningsnorm is als volgt:
Parameter
Propagatiemodel | ITU Recommendation 370 met TCA en morfo
Ontvangstantenne | Non-directief
Hoogte ontvangstantenne | 1,5 meter; met een morfografisch afhankelijke correctie om van 10 m. naar 1,5 m. om te rekenen
Polarisatiediscriminatie | Geen
Gewenst signaalniveau | 50% plaats 50% tijd
Ongewenst signaalniveau | 50% plaats 10% tijd & 50% tijd (worst case)
Terrein-oneffenheid | Terrain Clearance Angle (TCA) conform ITU rec. 370-7
Protectieverhoudingen conventioneel geplande zenders voor respectievelijk continue / troposferische storing | 0 kHz 40 dB / 32 dB 100 kHz 30 dB / 22 dB 200 kHz –2 dB 300 kHz –15 dB 400 kHz –25 dB
Protectieverhoudingen voor SFN en NSF geplande zenders | 0 kHz 2 .. 25 dB (afhankelijk van looptijd) 100 kHz 5 dB 200 kHz –5 dB 300 kHz –15 dB 400 kHz –25 dB
Berekening interferentie | Methode sterkste stoorder
Ontvangst | Stereo
Minimum bruikbare veldsterkte | 37 tot 43,5 dBμV/meter op 1,5 meter hoogte; afhankelijk van de morfografie.
De van toepassing zijnde planningsnorm voor vergunning C08 is de planningsnorm die is gebruikt bij de uitgifte van de middengolfvergunningen in 2003 en nadien. Deze planningsnorm is als volgt:
Propagatiemodel | Grondgolf propagatie conform GE 75 met bodemgeleidbaarheid conform ITU-R Recommendatie P.832-2
Protectieverhoudingen | 30 dB voor 0 kHz 5 dB voor +/- 9 kHz
Berekening interferentie | Conform GE75
Nominale veldsterkte | Dagverzorging 66 dB μV/m Nachtverzorging 77 dBμV/m
(**) Deze minimumnormen kunnen als volgt worden toegelicht. Het digitale verzorgingsgebied behoeft slechts voor 80% het ‘analoge’ verzorgingsgebied te overlappen. Omdat de hiervoor bedoelde dekkingsnorm voor vergunninghouders met een relatief groot verzorgingsgebied, bijvoorbeeld middengolfvergunninghouders met een landelijk bereik, onevenredig zwaar zou zijn, wordt ook de mogelijkheid geboden te voldoen aan een oppervlaktenorm in vierkante kilometers. Voor de periode van 1 september 2015 tot 1 januari 2017 moet het verzorgingsgebied minimaal 2988,4 km2 groot zijn en voor de periode van 1 januari 2017 tot 1 september 2017 minimaal 5976,8 km2. Dit komt overeen met een dekking van respectievelijk 40% en 80% van de gemiddelde grootte van een allotment (dus resp. 40% en 80% van een vijfde deel van Nederland). Deze minimumnormen sluiten aan bij de voorschriften die zijn bepaald voor de digitale vergunningen voor gezamenlijke exploitatie van de bovenregionale kavel.
- Regeling
- Regeling aanvraag- en verdeelprocedure vergunningen kavels A7, B38 en C08 met bijbehorende vergunningen voor digitale radio-omroep
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 24-04-2013
- BWB-id
- BWBR0033308
- Versie
- 2013-04-24_0