wetzoeker

1.2 — Rechtsmacht en bevoegdheid met betrekking tot buitenlandse militairen Aanwijzing opsporing en behandeling militaire zaken

Rechtsmacht en bevoegdheid met betrekking tot buitenlandse militairen

Met een zendende staat zijn vaak afspraken gemaakt omtrent het uitvoeren van rechtsmacht ten aanzien van buitenlandse militairen, burgerpersoneel en gezinsleden. Deze afspraken zijn veelal neergelegd in een zogenoemd statusverdrag of Status of Forces Agreement (SOFA). Dat kan betekenen dat in voorkomend geval Nederland geen of slechts in beperkte gevallen rechtsmacht over deze personen heeft.

Opgemerkt wordt dat buitenlandse militairen voor de Nederlandse wet – behoudens uitzonderingsgevallen – niet aangemerkt worden als militairen. Dat betekent dat de regels van artikel 2-6 Sv van toepassing zijn als het gaat om welk gerecht bevoegd is kennis te nemen van door hen gepleegde strafbare feiten. Aangezien er een diversiteit aan statusverdragen en -afspraken zijn gemaakt kan, bij onduidelijkheid over het bestaan of de uitleg van die afspraken, contact gezocht worden met het Expertisecentrum Militair Strafrecht Openbaar Ministerie (EMSOM) bij het arrondissementsparket Oost-Nederland. Deze statusafspraken brengen immers met zich mee dat een andere systematiek gevolgd wordt bij de overdracht van strafzaken dan die in de bekende rechtshulpverdragen is neergelegd.

Regeling
Aanwijzing opsporing en behandeling militaire zaken
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-04-2013
BWB-id
BWBR0033103
Versie
2013-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl