wetzoeker

Beslissing over het al dan niet in behandeling nemen van de klacht Klachtenregeling ongewenste omgangsvormen EZ

Na ontvangst van de klacht stuurt de secretaris van de klachtencommissie de klager zo spoedig mogelijk een schriftelijke ontvangstbevestiging en deelt hem de samenstelling van de klachtencommissie mee. Binnen twee weken na ontvangst van de klacht stelt de klachtencommissie vast of de klacht in behandeling zal worden genomen.

De commissie neemt een klacht niet in behandeling als:

a. de klacht niet voldoet aan hetgeen onder ongewenste omgangsvormen wordt verstaan;

b. de klager of beklaagde niet voor EZ werkt of werkzaamheden (heeft) verricht

1 Het kan ook voorkomen dat een derde, bijvoorbeeld een bezoeker, een klacht over ongewenste omgangsvormen indient tegen een medewerker van het ministerie. Een dergelijke klacht wordt behandeld door WJZ

;

c. over de gedraging al eerder een klacht is ingediend die al is behandeld;

d. de gedraging langer dan een jaar voor de indiening van de klacht heeft plaatsgevonden, tenzij het een gedraging betreft die mogelijk tevens een strafbaar feit inhoudt;

e. het gaat om een gedraging waartegen de klager bezwaar had kunnen maken of beroep had kunnen of nog kan instellen;

f. ter zake van de gedraging een opsporingsonderzoek op bevel van de officier van justitie of vervolging gaande is, dan wel indien de gedraging deel uitmaakt van de opsporing of vervolging van een strafbaar feit en ter zake van dat strafbaar feit een opsporingsonderzoek op bevel van de officier van justitie of een vervolging gaande is, zolang het onderzoek of de vervolging duurt;

g. het belang van de klager of het gewicht van de gedraging kennelijk onvoldoende is.

In de gevallen onder a, b en g wordt de klacht doorgestuurd naar de directie Wetgeving en Juridische Zaken en behandeld volgens de algemene klachtenprocedure bij het ministerie.

Als de commissie meent dat er aanleiding is om de klacht niet in behandeling te nemen, deelt zij dit zo spoedig mogelijk na ontvangst van het klaagschrift schriftelijk en gemotiveerd aan de secretaris-generaal mee en adviseert hem dienovereenkomstig. De secretaris-generaal bericht de klager uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van de klacht over het niet in behandeling nemen daarvan (artikel 9:8, derde lid, van de Awb).

Als een klacht wel in behandeling wordt genomen, wordt dit door de commissie zo spoedig mogelijk, uiterlijk binnen vier weken, schriftelijk aan de klager meegedeeld. Klager ontvangt dan tevens een schriftelijke uitnodiging voor een hoorzitting.

De secretaris van de klachtencommissie stelt in dat geval de beklaagde hiervan direct mondeling op de hoogte, en verstrekt deze een afschrift van de klacht en eventueel daarbij ingediende andere stukken. Ook de beklaagde ontvangt een schriftelijke uitnodiging voor een hoorzitting.

Regeling
Klachtenregeling ongewenste omgangsvormen EZ
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
25-05-2018
BWB-id
BWBR0032969
Versie
2018-05-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl