wetzoeker

Vaardigheden Regeling eindtermen en toetstermen examens financiële dienstverlening Wft

Vaardigheid (V) De kandidaat kan: | Norm/Resultaat/Prestatie-indicator | Toelichting op vaktechnische of communicatieve aspecten van de vaardigheid of omstandigheden rond de vaardigheid

Eindterm 2a De persoon beschikt over het vermogen om mondeling en schriftelijk te communiceren.

2a.1 Gestructureerd interviewen | De kandidaat werkt gestructureerd en is onbevooroordeeld. Interviewtechniek en vraagpunten van het onderzoek zijn goed uitgewerkt en worden goed uitgevoerd. De kandidaat stelt de juiste en relevante vragen. Gebruikt een gevarieerde vraagtechniek. De interviewtechniek is gebaseerd op de onderdelen: luisteren, doorvragen, confronteren en inleven in de klant. De kandidaat leidt het gesprek. | Het niveau van kennis en begrip van gesprekspartner varieert. Kandidaat interviewt klant in verschillende levensfasen en met betrekking tot verschillende gebeurtenissen.

2a.2 Mondeling communiceren | De kandidaat is zakelijk, klantvriendelijk, effectief, onbevooroordeeld en respectvol. De relevante informatie en de persoonlijke toelichting zijn correct, duidelijk en niet-misleidend en afgestemd op het begripsniveau van de klant. Houdt rekening met sociaaleconomische en sociaal-culturele kenmerken van de klant. Hanteert heftige klantemoties met empathie en strategie. | Het niveau van kennis en begrip van gesprekspartner varieert.

2a.3 Formulieren en offertes invullen, aanvragen, controleren en indienen | De kandidaat werkt gestructureerd en is alert op fouten. De aanvraag wordt op de correcte wijze ingediend

2a.4 De documenten zoals formulieren en offertes uitleggen | De informatie is correct, duidelijk en afgestemd op het begripsniveau van de klant.

2a.5 Schriftelijk communiceren | De informatie is correct, duidelijk en niet-misleidend en afgestemd op het begripsniveau van de klant. Document kent een heldere structuur en goede opbouw. | Het niveau van kennis en begrip van gesprekspartner varieert. Demonstreert hoe hij de communicatie aanpast naar de verschillende belanghebbenden

2a.6 Klachten behandelen | Neemt de klacht aan. Luistert inlevend naar de klant, reflecteert op emoties van klant, zegt niets toe. Kan (onsamenhangende) informatie van de klant samenvatten en ordenen. Handelt volgens de klachtenprocedure. Baseert zijn handelen op kennis van de organisatie, de financiële dienst en het product. Neemt verantwoordelijkheid voor de behandeling van de klacht. Handelt zo mogelijk de klacht zelf af, verwijst anders door naar de juiste persoon of afdeling.

Eindterm 2b De persoon beschikt over het vermogen om leads te genereren.

2b.1 Contact met (potentiële) klanten leggen | Proactief, is alert om (mogelijke) klanten te werven. Onderkent de behoefte van de klant, zodat het goed vertaald kan worden in een passend advies. Verwijst door als dat nodig is. | Behoefte en belang eindklant moet centraal gesteld worden bij dit proces.

Regeling
Regeling eindtermen en toetstermen examens financiële dienstverlening Wft
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-04-2026
BWB-id
BWBR0032957
Versie
2026-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl