wetzoeker

Kennis Regeling eindtermen en toetstermen examens financiële dienstverlening Wft

Nummer toetsterm | Omschrijving toetsterm | Kennisniveau

Eindterm 1a De persoon baseert zijn werkzaamheden met betrekking tot zorg- en/of ziektekostenverzekering(en) op actuele kennis van het verzekeringsrecht en de van toepassing zijnde wet- en regelgeving, richtlijnen, gedragscodes en convenanten.

1a.1 | De kandidaat kan de indeling van het gezondheidszorgstelsel in Nederland aan de hand van voorbeelden uitleggen. | B

1a.2 | De kandidaat kan omschrijven wat de gevolgen zijn van het niet tijdig betalen van de eerste premie en de vervolgpremie van een zorg- en ziektekostenverzekering. | B

1a.3 | De kandidaat kan de rol van het Zorginstituut Nederland, de SKGZ, de NZa, het CAK, het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ) en de Autoriteit Persoonsgegevens beschrijven. | K

1a.4 | De kandidaat kan uitleggen welke feiten op grond van de mededelingsplicht bij een aanvraag van een zorg- en ziektekostenverzekering meegedeeld moeten worden en wat de gevolgen zijn van het niet mededelen van deze feiten. | B

1a.5 | De kandidaat kan benoemen in welke gevallen een zorg- en/of ziektekostenverzekering opzegbaar is en welke opzegtermijn er in een bepaald geval in acht dient te worden genomen. | K

1a.6 | De kandidaat kan de meest voorkomende relevante wet- en regelgeving en richtlijnen opsommen, o.m. Zorgverzekeringswet, Besluit Zorgverzekering, Regeling Zorgverzekering. | K

1a.7 | De kandidaat kan de meest voorkomende relevante gedragscodes opsommen, o.m. Gedragscode verwerking persoonsgegevens zorgverzekeraars, de gedragscode goed zorgverzekeraarschap en de strekking ervan uitleggen. | B

1a.8 | De kandidaat kan de meest voorkomende relevante convenanten opsommen, o.m. Convenant samenloop reis- en zorgverzekering, convenant regres zorgverzekeraars aansprakelijkheidsverzekeraars en de strekking ervan op hoofdlijnen uitleggen. | B

1a.9 | De kandidaat kan de inzetbaarheid en de procedures van de verschillende interne en externe klachtentrajecten beschrijven. | K

1a.10 | De kandidaat kan de volgende informatiebronnen noemen die gericht zijn op de belangen van de klant: overheid (AFM), markt (Nibud, Consumentenbond) en de diverse (branche-)organisaties. | K

1a.11 | De kandidaat kan aangeven welke de klachtenregelingen en (buiten-) gerechtelijke- en geschillenbeslechtingsmogelijkheden voor de klant in de financiële dienstverlening van toepassing zijn. | B

1a.12 | De kandidaat kan beschrijven welke beroepsmogelijkheden bestaan bij sancties van De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM), uitspraken klachteninstituten en rechterlijke uitspraken. | K

1a.13 | De kandidaat kan in hoofdlijnen de privacyrechten van de klant volgens de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) omschrijven. | K

1a.14 | De kandidaat kan in hoofdlijnen beschrijven welke soorten persoonsgegevens de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) onderscheidt en op welke grondslagen deze persoonsgegevens verwerkt mogen worden. | K

Regeling
Regeling eindtermen en toetstermen examens financiële dienstverlening Wft
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-04-2026
BWB-id
BWBR0032957
Versie
2026-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl