wetzoeker

Artikel 12 Wet voorraadvorming aardolieproducten 2012

Beheer en overdracht van de wettelijke voorraad

1 Een product wordt slechts tot de wettelijke voorraad gerekend, indien het op elk moment daadwerkelijk ter beschikking staat van de voorraadplichtige.

2 Als de voorraadplichtige niet enig rechthebbende is op een product dat op het grondgebied van Nederland wordt aangehouden, wordt het slechts tot de wettelijke voorraad gerekend indien hij ten aanzien daarvan een beschikkingsrecht heeft:

a. dat is ingegaan per de eerste van een maand en

b. een geldingsduur heeft van een maand of veelvoud daarvan.

3 Als de voorraadplichtige niet enig rechthebbende is op een product dat op het grondgebied van een andere lidstaat van de Europese Unie wordt aangehouden, wordt het slechts tot de wettelijke voorraad gerekend indien hij ten aanzien daarvan een beschikkingsrecht heeft:

a. dat is ingegaan per de eerste van een kwartaal, en

b. een geldingsduur heeft van een kwartaal of veelvoud daarvan.

4 Onze Minister kan bepalen dat een marktdeelnemer enig rechthebbende dient te zijn op ten minste een door hem te bepalen gedeelte van de wettelijke voorraad, indien is gebleken dat in het verleden door deze marktdeelnemer of ten opzichte van deze marktdeelnemer, niet werd voldaan aan het tweede en derde lid.

Regeling
Wet voorraadvorming aardolieproducten 2012
Soort
Wet
Geldend vanaf
23-07-2021
BWB-id
BWBR0032775
Versie
2021-07-23_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl