wetzoeker

Artikel 4 Besluit aanwijzing toezichtautoriteiten ex de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES en mandaatverlening inzake handhaving en sanctionering van die wet

1 Aan de directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit wordt mandaat verleend voor de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in paragraaf 5.3 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES, met uitzondering van besluiten die betrekking hebben op overtreding van de artikelen 4.2 en 4.3 van die wet.

2 De directeur van de Dienst Financieel-Economische Integriteit kan voor de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, ondermandaat verlenen aan de medewerkers van de Dienst Financieel-Economische Integriteit.

3 Aan de directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland wordt mandaat verleend voor de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister van Financiën, bedoeld in paragraaf 5.3 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES, met uitzondering van artikel 5.9 en voor zover deze besluiten die betrekking hebben op overtreding van de artikelen 4.2 en 4.3 van die wet.

4 De directeur van de Belastingdienst/Caribisch Nederland kan voor de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in het derde lid, ondermandaat verlenen aan de medewerkers van de Belastingdienst/Caribisch Nederland.

Regeling
Besluit aanwijzing toezichtautoriteiten ex de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES en mandaatverlening inzake handhaving en sanctionering van die wet
Soort
Ministeriële regeling BES
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0032718
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl