wetzoeker

Besluit stoptekens NVWA op de openbare weg en te water 2013

Besluit van de Minister van Economische Zaken van 12 december 2012, nr. WJZ / 12375458, houdende het vaststellen van de stoptekens voor opsporingsambtenaren van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit op de openbare weg en te water (Besluit stoptekens NVWA op de openbare weg en te water 2013)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2013
Rechtsgebied
Financieel-economisch strafrecht, Strafrecht
Ministerie
Economische Zaken
BWB-id
BWBR0032518
Versie
2013-01-01_0
SHA-256 bron
ec0f97b8d77ff1083f069650485860e7cdcab1a801a49ee4b94d5255555be25e

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (7)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. een opsporingsambtenaar: een ambtenaar belast met de opsporing van economische delicten;

b. het stopteken: een ronde witte schijf waaromheen een rode rand met daarin de met witte letters de aanduidingen ‘STOP’ en ‘NVWA’ zijn geplaatst;

c. het autostopteken: een in of aan een door de opsporingsambtenaar gebruikte auto aangebrachte transparant waarin de aanduiding ‘STOP’ of ‘STOP NVWA’ in rode letters verlicht wordt;

d. de visserij-inspectievlag: de vlag, bedoeld in artikel 4, eerste lid;

e. de stop-vlag: de vlag, bedoeld in artikel 4, tweede lid.

Artikel 2

Een opsporingsambtenaar van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit doet op de openbare weg de vordering tot stilhouden of doet stilhouden, omschreven in artikel 23, vierde lid, van de Wet op de economische delicten, op de navolgende wijze:

a. indien de opsporingsambtenaar tijdens de vordering gebruik maakt van een auto: door het autostopteken;

b. in de overige gevallen:

1° van een half uur vóór zonsopgang tot een half uur na zonsondergang: door het opsteken van het stopteken;

2° van een half uur na zonsondergang tot een half uur vóór zonsopgang: door het verticaal op en neer bewegen van een rood lichtsein dat is aangebracht in het midden van het stopteken.

Artikel 3

Een opsporingsambtenaar die zich bevindt aan boord van een vaartuig dat de visserij-inspectievlag voert, doet in wateren, bedoeld in artikel 1, vierde lid, onderdeel b en c, van de Visserijwet 1963, de vordering tot stilhouden, omschreven in artikel 23, vierde lid, van de Wet op de economische delicten, op de navolgende wijze:

a. van een half uur vóór zonsopgang tot een half uur na zonsondergang: door het hijsen van de stop-vlag al dan niet gepaard gaand met een licht- of geluidsein bestaande uit het morseteken L: .-..;

b. van een half uur na zonsondergang tot een half uur vóór zonsopgang: door het geven van een licht- of geluidsein bestaande uit het morseteken L: .-..

Artikel 4

1 Als visserij-inspectievlag wordt vastgesteld de wimpel als afgebeeld in figuur I van de bijlage behorend bij dit besluit, met de afmetingen a = 180 cm, b= 120 cm, en c = 60 cm bij fregatten, en van a = 120 cm, b= 180 cm, en c = 40 cm bij schepen kleiner dan een fregat.

2 Als stop-vlag wordt vastgesteld de vlag als afgebeeld in figuur II van de bijlage behorend bij dit besluit, met een afmeting van 75 cm x 75 cm.

Artikel 5

1 De Beschikking stoptekens AID 1977 wordt ingetrokken.

2 De Beschikking herkenning en stoptekens AID te water wordt ingetrokken.

Artikel 6

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2013.

Artikel 7

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit stoptekens NVWA op de openbare weg en te water 2013.