wetzoeker

Artikel 12 Beleidsregels sturing van en toezicht op Stichting VAM

Opdracht en inkadering van taken en activiteiten

1 De Minister legt de volgende voornemens tijdig aan de de Stichting VAM voor met het oog op een uitvoeringstoets:

a. voor het functioneren van de Stichting VAM relevante beleidsvoornemens;

b. voorgenomen wet- en regelgeving;

c. overige voornemens tot het opdragen van taken of het stellen van regels met betrekking tot de uitoefening van de taken bij of krachtens een wet waarvoor hij eerste verantwoordelijke is en

d. voornemens tot het stellen van Beleidsregels in de zin van artikel 21 Kaderwet.

2 De Minister reageert op de door de Stichting VAM toegezonden rapportage en geeft daarbij in ieder geval aan hoe de rapportage in de besluitvorming is of zal worden betrokken.

3 Indien de Minister nalaat tijdig te verzoeken om een uitvoeringstoets, informeert de Stichting VAM de Minister van de intentie van de Stichting VAM om een uitvoeringstoets uit eigen beweging uit te voeren.

4 Indien in de loop van het besluitvormingsproces het aan de Stichting VAM voorgelegde voornemen op voor de Stichting VAM relevante punten wordt gewijzigd, legt de Minister de wijzigingen ten behoeve van een finale uitvoeringstoets voor aan de dienst.

Regeling
Beleidsregels sturing van en toezicht op Stichting VAM
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2013
BWB-id
BWBR0032463
Versie
2013-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl