wetzoeker

5.4 — Onzorgvuldig handelen ten aanzien van de consultatie Aanwijzing vervolgbeslissing inzake levensbeëndiging op verzoek

Onzorgvuldig handelen ten aanzien van de consultatie

De toetsingscommissie kan tot het oordeel komen dat de arts niet zorgvuldig heeft gehandeld, omdat de euthanaserend arts niet tenminste één andere onafhankelijke arts heeft geraadpleegd die de patiënt heeft gezien en schriftelijk zijn oordeel heeft gegeven over de vraag of aan de zorgvuldigheidseisen is voldaan.

Het oordeel van de consulent heeft de status van een advies. De arts kan hiervan afwijken. Naar aanleiding van het Chabot-arrest heeft de wetgever in het meldingsformulier vastgelegd dat in geval van psychisch lijden twee consulenten, van wie een psychiater, geraadpleegd dienen te worden (TK 1993–1994- 23877, nr.1).

Slechts in uitzonderlijke omstandigheden kan de consulent van een bezoek aan de patiënt afzien. In de wetsgeschiedenis wordt als voorbeeld genoemd dat de situatie van de patiënt bijzonder snel verslechtert. In het schriftelijk oordeel zal de consulent de reden hiervoor moeten aangeven en de arts zal hierover in zijn verslag verantwoording moeten afleggen.

De Hoge Raad heeft bepaald dat onder omstandigheden het achterwege blijven van de consultatie door een andere arts niet aan een beroep op noodtoestand in de weg hoeft te staan (NJ 1989,391). Die situatie kan zich voordoen indien, ondanks het ontbreken van een oordeel van een geconsulteerde arts, toch een zuiver oordeel valt te geven over het bestaan hebben van uitzichtloos en ondraaglijk lijden van de patiënt. Er is dan, ondanks het oordeel van de toetsingscommissie dat er niet zorgvuldig is gehandeld, geen reden om vervolging in te stellen. Een (sepot)gesprek met de officier van justitie, waarin de arts wordt gewezen op de gebreken in zijn handelen, is in zo'n geval op zijn plaats.

Als er door het ontbreken van de consultatie onvoldoende vast komt te staan dat sprake is geweest van uitzichtloos en ondraaglijk lijden en dus de beoordeling van de vraag of de arts een beroep op noodtoestand toekomt niet goed mogelijk is, dient in beginsel over te worden gegaan tot het instellen van strafrechtelijke vervolging (zie 5.2).

Regeling
Aanwijzing vervolgbeslissing inzake levensbeëndiging op verzoek
Soort
beleidsregel-BES
Geldend vanaf
10-10-2012
BWB-id
BWBR0032071
Versie
2012-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl