wetzoeker

Artikel 7 — Ontslag wegens daling rijksbekostiging personeel en financiële bijdragen van derden bij ontslagbeleid (deel 1) Reglement Participatiefonds voor de Expertisecentra voor het schooljaar 2012–2013

Ontslag wegens daling rijksbekostiging personeel en financiële bijdragen van derden bij ontslagbeleid

Lees dit artikel voordat u het formulier ‘Daling rijksbekostiging’ invult.

7.1 Ontslaggrond

In het geval een werkgever de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4 en 10.5 van de CAO-PO hanteert, kan ontslag wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden een grond zijn voor de toewijzing van een vergoedingsverzoek. Ontslag wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden doet zich voor indien de daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden inclusief andere ontslagen en natuurlijk verloop, minimaal gelijk zijn aan de omvang van het gemelde ontslag. Indien van een dergelijke daling sprake is, is ontslagruimte aanwezig.

Het bevoegd gezag overlegt een afschrift van het ontslagbesluit waarin de reden voor het ontslag genoemd is, of wanneer het besluit nog niet is opgemaakt of de reden voor het ontslag niet genoemd wordt, een afschrift van het document waaruit blijkt dat de daadwerkelijke reden voor het ontslag, zoals genoemd in artikel 7, aan betrokkene is kenbaar gemaakt.

Indien tegen het ontslagbesluit bezwaar en/of beroep is ingesteld, stelt het bevoegd gezag het Participatiefonds daarvan in kennis. Het Participatiefonds kan in het geval dat betrokkene tegen het ontslagbesluit rechtsmiddelen heeft aangewend de beslissing op de vergoedingsaanvraag aanhouden tot het moment waarop de in bezwaar dan wel beroep genomen (gerechtelijke) beslissing onherroepelijk is geworden.

Beëindigingovereenkomst

In plaats van bovengenoemd afschrift van het ontslagbesluit waarin de reden voor het ontslag genoemd is, of een afschrift van het document waaruit blijkt dat de daadwerkelijke reden voor het ontslag, zoals genoemd in artikel 7, aan betrokkene is kenbaar gemaakt, kan het bevoegd gezag ook een afschrift van een beëindigingovereenkomst overleggen waaruit tenminste blijkt dat:

1 het dienstverband met wederzijds goedvinden is beëindigd,

2 het bevoegd gezag heeft voorgesteld het dienstverband te beëindigen, en

3 de reden daarvoor is gelegen in de in dit artikel genoemde ontslaggrond.

Bij de beëindiging van een tijdelijk dienstverband verstrekt het bevoegd gezag, wanneer er geen ontslagbesluit wordt opgemaakt, een afschrift van de akte van benoeming en een afschrift van het document waaruit blijkt dat de daadwerkelijke reden voor de beëindiging, zoals genoemd in artikel 7, aan betrokkene is kenbaar gemaakt.

7.2 Vergelijking van rijksbekostiging personeel en financiële bijdragen van derden

Ter beoordeling van een in het eerste lid bedoelde ontslag wordt een vergelijking van de rijksbekostiging en financiële bijdragen van derden gemaakt. In deze vergelijking wordt de totale rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden direct voorafgaand aan het ontslag vergeleken met de totale rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van het ontslag. Het budget voor personeels- en arbeidsmarktbeleid wordt voor 65% in de vergelijking betrokken. Dit betekent dat bij de berekening van de rijksbekostiging wordt uitgegaan van 65% inzet van het budget voor de bekostiging van personeel.

Regeling versterking cultuureducatie 2011–2012

Vanaf 1 augustus 2012 vervalt de Regeling versterking cultuureducatie 2011-2012 en worden de met cultuureducatie gemoeide middelen toegevoegd aan de Regeling prestatiebox primair onderwijs.

Aangezien de Regeling prestatiebox primair onderwijs, anders dan de Regeling versterking cultuureducatie 2011–2012, wél onderdeel uitmaakt van de vergelijking, zullen de met de Regeling versterking cultuureducatie gemoeide middelen eenmalig eveneens in de vergelijking per 1 augustus 2012 worden betrokken.

Regeling prestatiebox primair onderwijs

Bij ontslagen per 1 augustus 2012 wegens opheffing van de betrekking, worden de middelen van de Regeling prestatiebox primair onderwijs niet volledig, maar slechts voor 65% bij de bekostigingsvergelijking meegeteld.

Het niveau van de vergelijking van de rijksbekostiging personeel en financiële bijdragen van derden is afhankelijk van één van de onderstaande situaties:

7.2.1 Vergelijking van rijksbekostiging personeel en financiële bijdragen van derden op bestuursniveau

De vergelijking van de rijksbekostiging personeel en financiële bijdragen van derden wordt op bestuursniveau gemaakt, tenzij er sprake is van een in artikel 7.2.2 of 7.2.3 genoemde situatie

7.2.2 Vergelijking van rijksbekostiging personeel en financiële bijdragen van derden op het niveau van het Samenwerkingsverband

Het ontslag wordt getoetst op het niveau van het samenwerkingsverband indien er sprake is van een samenwerkingsverband in het kader van een bestuurlijke krachtenbundeling. In de vergelijking wordt de rijks-bekostiging en financiële bijdragen van derden zoals is beschreven in artikel 7.2. op het niveau van het samenwerkingsverband vergeleken.

7.2.3 Vergelijking van rijksbekostiging personeel en financiële bijdragen van derden op het niveau van een centrale dienst

Het ontslag wordt getoetst op het niveau van de centrale dienst indien er sprake is van ontslag van personeel dat werkzaam is bij een centrale dienst. In de vergelijking wordt de voor de centrale dienst beschikbare rijksbekostiging en financiële bijdragen van derden vergeleken.

7.2.4 Vervallen

7.3 Uitgesteld ontslag

Indien er sprake is van uitgesteld ontslag, wordt het ontslag getoetst op bestuursniveau over drie schooljaren. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in artikel 7.2 in de schooljaren 2010–2011 en 2011–2012 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum van het ontslag ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van het ontslag.

De ontslagruimte per 1 augustus 2011 wordt opgeteld bij de ontslagruimte, of in mindering gebracht op de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van het ontslag. Tevens wordt bij de beoordeling bekeken of betrokkene op andere middelen dan begrepen in de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals is beschreven in artikel 7.2 in dienst is gehouden

7.4 Natuurlijk verloop en andere ontslagen

Ten gevolge van natuurlijk verloop en andere ontslagen komen rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden beschikbaar. Om deze reden wordt de omvang van het natuurlijk verloop en de andere ontslagen in een periode van zes maanden voorafgaand aan en per de datum van het gemelde ontslag in de vergelijking betrokken.

Indien er sprake is van een daling in de beschikbare rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden wordt de omvang van het natuurlijk verloop en de andere ontslagen op deze daling in mindering gebracht. In het geval dat er sprake is van een stijging in de beschikbare rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden wordt de omvang van het natuurlijk verloop en de andere ontslagen bij deze stijging opgeteld.

7.4.1 Natuurlijk verloop en andere ontslagen bij uitgesteld ontslag

In het geval van uitgesteld ontslag is de omvang van de andere ontslagen en het natuurlijk verloop vanaf 1 februari 2011 tot en met de datum van het gemelde ontslag onderdeel van de toetsing.

7.5 Vervallen

7.6 Benodigde gegevens

Het bevoegd gezag verstrekt bij de melding van ontslagen wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden op het in artikel 7.2 aangegeven toetsingsniveau:

a een gespecificeerde opgave van de omvang van de (verwachte) aanvullende rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden over de perioden waarop de vergelijking betrekking heeft;

b een gespecificeerde opgave van de omvang in nettoloon-kosten van het natuurlijk verloop en de andere ontslagen in een periode van zes maanden voorafgaand aan en per de ontslagdatum;

Regeling
Reglement Participatiefonds voor de Expertisecentra voor het schooljaar 2012–2013
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
01-08-2013
BWB-id
BWBR0031842
Versie
2013-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl