wetzoeker

Artikel 7 Uitvoeringsregeling kansspelheffing

Aangifte en aanslagen

1 Na aanvang van het kalenderjaar kunnen één of meer voorlopige aanslagen worden opgelegd tot ten hoogste het bedrag waarop de aanslag over dat kalenderjaar vermoedelijk zal worden vastgesteld, na verrekening van reeds opgelegde voorlopige aanslagen.

2 Voor de toepassing van het eerste lid kan de bepaling van het bedrag waarop de aanslag over het kalenderjaar vermoedelijk zal worden vastgesteld, geschieden op grond van de gegevens die hebben gediend ter vaststelling van de aanslag over het voorafgaande kalenderjaar en de gegevens die zijn ontvangen ten behoeve van het toezicht op de naleving van de voorschriften, gesteld bij of krachtens Titel VA van de Wet op de kansspelen.

Regeling
Uitvoeringsregeling kansspelheffing
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-04-2021
BWB-id
BWBR0031528
Versie
2021-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl