wetzoeker

4.1.1 — De keuzemogelijkheid Circulaire wijzigingen Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa) 2011 (burgemeester, enz.)

De keuzemogelijkheid

Voor de Appa is iemand een deelnemer als hij of zij een politiek ambt waarmee Appa-aanspraken worden opgebouwd, vervult of recht heeft op een Appa-uitkering. Dit betekent dat iemand ook deelnemer is als de uitkering op nihil is gesteld wegens verrekening van neveninkomsten.

Het nabestaandenpensioen voor de gevallen waarin de deelnemer vóór de pensioengerechtigde leeftijd overlijdt, is voor de pensioengeldige tijd die is gelegen ná 31 juli 2003, risicogedekt. Dat wil zeggen dat uitsluitend een deelnemer aan de Appa-pensioenregeling een dekking heeft voor het nabestaandenpensioen. Is hij of zij geen deelnemer in de periode waarin hij of zij nog niet de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, dan bestaat er uit hoofde van de Appa geen recht op nabestaandenpensioen. Vanaf de pensioengerechtigde leeftijd is er weer wel een dekking voor het nabestaandenpensioen.

Wanneer Appa-uitkeringen van verschillende overheden parallel lopen, kan de einddatum daarvan verschillen en dus ook het recht op nabestaandenpensioen op grond van die verschillende Appa-uitkeringen. Waardeoverdracht van pensioenaanspraken kan in dit soort gevallen zinvol zijn voor het veiligstellen van Appa-aanspraken op nabestaandenpensioen die zijn opgebouwd bij andere overheden en waarvan de risicodekking aan het einde van de uitkeringsduur is geëindigd.

Zoals gezegd, heeft genoemde risicodekking echter ook tot gevolg dat de dekking volledig vervalt op het moment dat het deelnemerschap aan de pensioenregeling wordt beëindigd. De nabestaanden van een gewezen deelnemer die overlijdt vóór zijn of haar pensioengerechtigde leeftijd, hebben dus géén recht op nabestaandenpensioen, voor zover de pensioengeldige tijd van de gewezen deelnemer is gelegen ná 31 juli 2003. Voor politieke ambtsdragers doet zich dit voor als het recht op Appa-uitkering eindigt voor de pensioengerechtigde leeftijd.

Deze wetswijziging maakt het mogelijk dat betrokkene bij beëindiging van de deelneming een deel van zijn of haar ouderdomspensioen omzet in nabestaandenpensioen. Op deze wijze kan de dekking voor het nabestaandenpensioen ook na beëindiging van het deelnemerschap in stand blijven. Voor de politieke ambtsdragers bij de gemeenten is dit in artikel 138b van de Appa geregeld. Het gaat dan om de aanspraken op ouderdomspensioen op grond van de Appa die betrokkene vanaf 1 augustus 2003 heeft opgebouwd. Zoals eerder uiteengezet was het nabestaandenpensioen vóór deze datum nog niet risicogedekt.

Om de omzetting te realiseren wordt een leeftijdsafhankelijke ruilvoet gehanteerd tussen het eigen pensioen en het nabestaandenpensioen op het moment van de omzetting. Bij ministeriële regeling zal deze ruilvoet worden vastgesteld. Daarbij zal worden aangesloten bij de ruilvoet die in bijlage L van het pensioenreglement van het ABP is opgenomen.

Regeling
Circulaire wijzigingen Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa) 2011 (burgemeester, enz.)
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
19-11-2011
BWB-id
BWBR0031214
Versie
2011-11-19_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl