wetzoeker

Artikel 17a Wet College voor de rechten van de mens

Samenstelling en werkwijze

De artikelen 13a tot en met 13g van de Wet op de rechterlijke organisatie zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van gedragingen van de leden en plaatsvervangende leden van het College, met dien verstande dat:

a. voor de overeenkomstige toepassing van die artikelen onder «het betrokken gerechtsbestuur» wordt verstaan: de voorzitter van het College;

b. voor de overeenkomstige toepassing van artikel 13b, eerste lid, onderdelen b en c, onder «overeenkomstig artikel 26 of 75 een klacht» wordt verstaan: een klacht.

Regeling
Wet College voor de rechten van de mens
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0030733
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl