wetzoeker

Artikel 140f Uitvoeringsregeling zeevisserij

Maatregelen van regionale organisaties voor het visserijbeheer.

1 Het is verboden in strijd te handelen met de artikelen 4, eerste en vijfde lid, 7, eerste en derde lid, 8, eerste lid, 9, tweede en vierde tot en met zesde lid, 10, 11, 12, derde en vijfde lid, 13, tweede en derde lid, 14, 15, eerste tot en met derde lid, 16, eerste en derde lid, 18, 19, derde lid, 21, derde lid, 22, tweede en zevende tot en met achtste lid, 23, vijfde en negende lid, 24, 25, eerste tot en met zesde lid, 26, eerste en zesde tot en met achtste lid, 27, tweede en twaalfde lid, 32, 39, zesde lid, 41, 46, eerste lid, van verordening 2019/833 en met de door de Europese Commissie op grond van artikel 50 van verordening 2019/833 vastgestelde gedelegeerde handelingen.

2 Als havens als bedoeld in artikel 10, eerste lid, onderdeel b, en 39, eerste lid, van verordening 2019/833, worden aangewezen de havens die zijn vermeld in bijlage 2 B met uitzondering van Den Helder.

3 De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 21, derde lid, onderdeel a, en 39, derde lid, van verordening 2019/833, is de NVWA.

4 Het is verboden met een vaartuig als bedoeld in artikel 47, eerste lid, van verordening 2019/833, een Nederlandse haven binnen te varen, dan wel de bemanning van dat vaartuig te vervangen.

Regeling
Uitvoeringsregeling zeevisserij
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-09-2026
BWB-id
BWBR0030288
Versie
2026-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl