wetzoeker

Artikel 8.26 Wet dieren

Veterinair tuchtrecht

1 Behoudens in de gevallen, bedoeld in artikel 8.30, eerste lid, neemt het veterinair tuchtcollege geen beslissing aangaande een ingediende klacht dan na verhoor, althans behoorlijke oproeping van de persoon over wie geklaagd is en van de klager.

2 De persoon over wie geklaagd is kan, tenzij het veterinair tuchtcollege beveelt dat hij in persoon zal verschijnen, zich tijdens de zitting doen vertegenwoordigen door een daartoe gemachtigde. Hij kan zich door een raadsman doen bijstaan.

3 Het veterinair tuchtcollege kan weigeren bepaalde personen die geen advocaat zijn, als gemachtigde of als raadsman toe te laten. Bij zodanige weigering houdt het veterinair tuchtcollege de zaak tot een volgende zitting aan.

4 De persoon over wie geklaagd is en zijn raadsman worden in de gelegenheid gesteld ten minste veertien dagen voorafgaand aan de aanvang van het onderzoek tijdens de zitting, van de processtukken kennis te nemen.

Regeling
Wet dieren
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2025
BWB-id
BWBR0030250
Versie
2025-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl