wetzoeker

Artikel 4.2 Wet dieren

Toelating beroepen in de uitoefening van de diergeneeskunde

1 Personen, die zijn toegelaten tot het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen, schieten niet door enig handelen of nalaten tekort in de zorg die zij in hun hoedanigheid:

a. behoren te betrachten ten opzichte van een dier met betrekking tot welke hun hulp is ingeroepen, en

b. verlenen of in geval van nood behoren te verlenen ten opzichte van een dier.

2 Personen die zijn toegelaten tot het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen, schieten niet zodanig tekort in hetgeen van hen in hun hoedanigheid mag worden verwacht dat daardoor ernstige schade kan ontstaan voor de gezondheidszorg voor dieren.

3 Het in het eerste en tweede lid bepaalde is tevens van toepassing ten aanzien van andere dan gehouden dieren.

Regeling
Wet dieren
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2025
BWB-id
BWBR0030250
Versie
2025-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl