wetzoeker

Artikel XXXIX Wet uniformering loonbegrip

Tijdelijke heffingskorting met betrekking tot de loonbelasting

1. In de eerste drie kalenderjaren dat deze wet in werking is, geldt een heffingskorting met betrekking tot de loonbelasting voor de werknemer die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt en die een uitkering geniet ingevolge een pensioenregeling of een regeling voor vervroegde uittreding waarop de inkomensafhankelijke bijdrage als bedoeld in artikel 43 van de Zorgverzekeringswet wordt ingehouden.

2. In het jaar van inwerkingtreding van deze wet bedraagt de heffingskorting 1% van de in het eerste lid bedoelde uitkering, met een maximum van € 182.

3. In het jaar volgend op het jaar van inwerkingtreding van deze wet bedraagt de heffingskorting 0,67% van de in het eerste lid bedoelde uitkering, met een maximum van € 121.

4. In het tweede jaar volgend op het jaar van inwerkingtreding van deze wet bedraagt de heffingskorting 0,33% van de in het eerste lid bedoelde uitkering, met een maximum van € 61.

Regeling
Wet uniformering loonbegrip
Afkortingen
Wet ULB, Wul
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2015
BWB-id
BWBR0030105
Versie
2015-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl