wetzoeker

Investeringsimpuls LNG-vulpunten binnenvaart

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-04-2011
Rechtsgebied
Vervoersrecht
Ministerie
Infrastructuur en Milieu
BWB-id
BWBR0029670
Versie
2011-04-01_0
SHA-256 bron
3f5ad266c717008c3401502c4ef05f9b8fa6e61be88df4523b38085f2a84f939

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (18)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. § 1 — Begripsomschrijvingen
  5. § 2 — Thema en doel van de investeringsimpuls
  6. § 3 — Projecten die in aanmerking komen voor een investeringsimpuls
  7. § 4 — Mogelijke ontvangers van de investeringsimpuls
  8. § 5 — Looptijd van het programma
  9. § 6 — Termijn waarbinnen een bijdrage kan worden aangevraagd
  10. § 7 — Termijn waarbinnen een project moet worden voltooid
  11. § 8 — Plafond van het programma
  12. § 9 — Hoogte van de bijdrage en wijze van verdeling van de beschikbare gelden
  13. § 10 — Beoordelingscriteria
  14. § 11 — Beslistermijn
  15. § 12 — Vorm van de te verlenen bijdrage
  16. § 13 — Termijn voor vaststelling van de bijdrage
  17. § 14 — Controleprotocol
  18. § 15 — Uitvoeringsinstantie

Artikel 1

Als programma als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van de Kaderregeling subsidies duurzaamheid verkeer en waterstaat, wordt vastgesteld de Investeringsimpuls LNG-vulpunten binnenvaart, die is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 april 2011.

Artikel 3

Dit besluit wordt aangehaald als Investeringsimpuls LNG-vulpunten binnenvaart.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 1 — Begripsomschrijvingen

§ 1 — Begripsomschrijvingen

In dit programma wordt verstaan onder:

bio-LNG: biologisch geproduceerde variant van LNG, bestemd als brandstof voor binnenschepen;

kaderregeling: Kaderregeling subsidies duurzaamheid verkeer en waterstaat;

LNG: vloeibaar aardgas, bestemd als brandstof voor binnenschepen;

vulpunt: installatie op een bunkerstation waarmee LNG wordt afgeleverd in de brandstoftanks van vaartuigen.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 2 — Thema en doel van de investeringsimpuls

§ 2 — Thema en doel van de investeringsimpuls

1. De minister kan op aanvraag een financiële bijdrage verlenen als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel m, onder 1, van de kaderregeling, voor de aanleg van een nieuw vulpunt waar binnenschepen LNG kunnen bunkeren (milieu-investeringsproject).

2. Het doel van de bijdrage is het stimuleren van het gebruik van LNG als brandstof in de binnenvaart door de aanleg van vulpunten, en zodoende het verbeteren van het milieu door vermindering van de uitstoot door binnenschepen van CO2, NOx en fijnstof.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 3 — Projecten die in aanmerking komen voor een investeringsimpuls

§ 3 — Projecten die in aanmerking komen voor een investeringsimpuls

Een aan te leggen vulpunt voor LNG kan voor een eenmalige impuls in aanmerking komen, indien het:

a. voor het beroepsvervoer van personen of goederen in de binnenvaart openbaar toegankelijk is;

b. een tankinhoud heeft van ten minste 50 m3;

c. uitbreidingsmogelijkheden heeft tot ten minste 250 m3, indien de tankinhoud kleiner is;

d. geen onverbrand methaan uitstoot;

e. ten minste vijf jaar operationeel blijft op de in de aanvraag vermelde locatie; en

f. zich bevindt in een van de volgende havengebieden:

1°. de haven van Rotterdam,

2°. Drechtsteden/Moerdijk,

3°. de Waal ten oosten van Tiel,

4°. Limburg (Maastraject), of

5°. het traject Amsterdam–Utrecht.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 4 — Mogelijke ontvangers van de investeringsimpuls

§ 4 — Mogelijke ontvangers van de investeringsimpuls

De eindverantwoordelijke voor de realisatie van een in paragraaf 3 bedoeld vulpunt kan een eenmalige investeringsimpuls ontvangen.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 5 — Looptijd van het programma

§ 5 — Looptijd van het programma

Dit programma vervalt met ingang van 1 april 2012, met dien verstande dat het op reeds toegekende bijdragen van toepassing blijft.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 6 — Termijn waarbinnen een bijdrage kan worden aangevraagd

§ 6 — Termijn waarbinnen een bijdrage kan worden aangevraagd

1. De bijdrage wordt aangevraagd binnen dertien weken na inwerkingtreding van dit besluit.

2. De aanvraag wordt ingediend bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, t.a.v. de afdeling Binnenvaart en Vaarwegen, postbus 20901, 2500 EX DEN HAAG.

3. Van de aanvraag maken onderdeel uit:

a. een aanvraagformulier dat door de minister wordt vastgesteld alsmede de daarin gevraagde bijlagen;

b. een begroting; en

c. een projectplan waaruit blijkt:

1°. dat wordt voldaan aan de voorschriften, genoemd in paragraaf 3, en

2°. in welke mate wordt voldaan aan de beoordelingscriteria, genoemd in paragraaf 10.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 7 — Termijn waarbinnen een project moet worden voltooid

§ 7 — Termijn waarbinnen een project moet worden voltooid

De realisering van het vulpunt wordt uiterlijk twee jaar na toekenning van de bijdrage afgerond.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 8 — Plafond van het programma

§ 8 — Plafond van het programma

De gezamenlijke bijdragen, bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel g, van de kaderregeling, bedragen ten hoogste € 500.000.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 9 — Hoogte van de bijdrage en wijze van verdeling van de beschikbare gelden

§ 9 — Hoogte van de bijdrage en wijze van verdeling van de beschikbare gelden

1. Ten hoogste drie vulpunten komen voor een bijdrage in aanmerking.

2. De bijdrage bedraagt € 100.000, met een aanvulling die afhankelijk is van de mate waarin de aanvraag naar het oordeel van de minister voldoet aan de beoordelingscriteria, genoemd in paragraaf 10.

3. De bijdrage bedraagt per aanvraag maximaal 50% van de kosten die worden gemaakt om een vulpunt aan te leggen dat afwijkt van een in de binnenvaart gebruikelijk vulpunt voor gasolie, zijnde extra investeringskosten, die de investeringskosten voor een vergelijkbaar vulpunt voor gasolie overschrijden.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 10 — Beoordelingscriteria

§ 10 — Beoordelingscriteria

1. De rangschikking van de aanvragen geschiedt met inachtneming van de volgende criteria:

a. de tankgrootte in m3 LNG;

b. de technische en geografische uitbreidingspotentie;

c. de vulsnelheid in m3 LNG per uur;

d. de mate waarin wordt voldaan aan de voorwaarden in paragraaf 3, met dien verstande dat een vulpunt in de haven van Rotterdam prioriteit geniet;

e. de vergunning voor het vulpunt is bij de bevoegde autoriteiten aangevraagd.

2. Per criterium, bedoeld in het eerste lid, worden de aanvragen die voldoen aan de regelgeving, gerangschikt naar de mate waaraan zij naar het oordeel van de minister aan deze criteria voldoen.

3. Per havengebied wordt voor ten hoogste één vulpunt een bijdrage beschikbaar gesteld, tenzij daardoor minder dan drie vulpunten voor een bijdrage in aanmerking zouden komen. In dat laatste geval komen alleen de havengebieden van Rotterdam en Drechtsteden/Moerdijk in aanmerking voor een tweede vulpunt.

4. Installaties van waaruit tegen een aantoonbaar concurrerende prijs bio-LNG zal worden geleverd, krijgen prioriteit, behoudens voor zover die levering ten koste zou gaan van de mate waarin wordt voldaan aan de overige criteria.

5. Bij gelijke geschiktheid krijgt een vulpunt dat eveneens toegankelijk is voor het wegverkeer prioriteit, behoudens voor zover die toegankelijkheid ten koste zou gaan van de mate waarin wordt voldaan aan de overige criteria. Voor de extra kosten voor meervoudige inzetbaarheid wordt geen bijdrage verleend.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 11 — Beslistermijn

§ 11 — Beslistermijn

De minister beslist op de aanvraag binnen dertien weken na afloop van de in paragraaf 6, eerste lid, bedoelde termijn.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 12 — Vorm van de te verlenen bijdrage

§ 12 — Vorm van de te verlenen bijdrage

De bijdrage wordt verleend in de vorm van een verleningsbeschikking, waarin een bevoorschottingsritme is opgenomen, tenzij sprake is van betaling ineens of van 100 procent bevoorschotting.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 13 — Termijn voor vaststelling van de bijdrage

§ 13 — Termijn voor vaststelling van de bijdrage

1. Binnen dertien weken na een in de beschikking te noemen tijdstip dient de ontvanger van de bijdrage een aanvraag in tot vaststelling van de bijdrage.

2. De minister stelt de bijdrage vast binnen 22 weken na afloop van de in het eerste lid bedoelde termijn.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 14 — Controleprotocol

§ 14 — Controleprotocol

Over de bijdragen wordt bij de aanvraag om vaststelling van de bijdrage verantwoording afgelegd over de prestaties, voorzien van een accountantsverklaring.

Bijlage — bedoeld in artikel 1 › Investeringsimpuls LNG-vulpunten in de binnenvaart › § 15 — Uitvoeringsinstantie

§ 15 — Uitvoeringsinstantie

Dit besluit wordt uitgevoerd door de Minister van Infrastructuur en Milieu.