wetzoeker

Artikel 4.8 Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BES

Zekerheid

1 De zekerheid, bedoeld in artikel 4.39 van de wet, wordt bepaald op basis van het accijnsbelang.

2 Het accijnsbelang is de som van het bedrag aan accijns dat wordt vertegenwoordigd door de hoeveelheid accijnsgoederen die:

a. gemiddeld in de accijnsgoederenplaats voorhanden is;

b. gemiddeld in een aangiftetijdvak wordt uitgeslagen;

c. gemiddeld in een aangiftetijdvak wordt overgebracht naar een andere accijnsgoederenplaats of naar het buitenland;

d. gemiddeld in een aangiftetijdvak met een vervoersopdracht vanuit het buitenland, vanuit een douane-entrepot of een handels- en dienstenentrepot dan wel vanuit een plaats voor tijdelijke opslag wordt overgebracht naar de accijnsgoederenplaats.

3 Indien zekerheid wordt gesteld ter verkrijging van uitstel van betaling als bedoeld in artikel 4.54, tweede lid, van de wet, van het bedrag aan accijns dat aangevraagde accijnszegels vertegenwoordigen, is het accijnsbelang gelijk aan het bedrag waarvoor gemiddeld uitstel van betaling wordt verleend.

4 Indien op grond van artikel 4.7 toestemming is verleend voor het doen van één aangifte voor twee of meer accijnsgoederenplaatsen worden de afzonderlijke zekerheidstellingen voor de desbetreffende accijnsgoederenplaatsen vervangen door één zekerheid die voor die accijnsgoederenplaatsen tezamen van toepassing is. Het hierbij in acht te nemen accijnsbelang wordt gevormd door het totale accijnsbelang dat op basis van het tweede lid en het derde lid voor de desbetreffende accijnsgoederenplaatsen is vastgesteld.

5 De zekerheid bedraagt ten minste 5 percent en ten hoogste 100 percent van het accijnsbelang met een maximum van USD 6.500.000.

Regeling
Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BES
Soort
Ministeriële regeling BES
Geldend vanaf
01-01-2025
BWB-id
BWBR0029309
Versie
2025-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl