wetzoeker

Regeling volksverzekeringen BES

Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 14 december 2010, nr. IVV/FB/2010/24329, tot nadere regelgeving met betrekking tot de Wet algemene ouderdomsverzekering BES en de Wet algemene weduwen- en wezenverzekering BES (Regeling volksverzekeringen BES)

Soort
Ministeriële regeling BES
Geldend vanaf
22-07-2026
Rechtsgebied
Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht, Pensioenrecht
Ministerie
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
BWB-id
BWBR0029205
Versie
2026-07-22_0
SHA-256 bron
88c2afbdaab26f9f8c093ab403ec5a71cc7ed40b21c76d7bc2ed2f14ecb77a63

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (10)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 1a
  3. Artikel 2
  4. Artikel 3
  5. Artikel 4
  6. Artikel 5
  7. Artikel 6
  8. Artikel 7
  9. Artikel 8
  10. Artikel 9

§ 1 — Herleiding gedeelten van kalenderjaren algemene ouderdomsverzekering

Artikel 1

1 Gedeelten van kalenderjaren, gedurende welke de pensioengerechtigde na het bereiken van de 15-jarige, doch vóór het bereiken van de 65-jarige leeftijd, niet verzekerd is geweest, worden voor de vaststelling van de korting, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES samengeteld en herleid tot gehele kalenderjaren.

2 Gedeelten van kalenderjaren, gedurende welke de echtgenoot van de pensioengerechtigde na het bereiken van de 15-jarige leeftijd, doch vóór het bereiken van de 65-jarige leeftijd van die pensioengerechtigde niet verzekerd is geweest, worden voor de vaststelling van de korting, bedoeld in artikel 7a, zevende lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES samengeteld en herleid tot gehele kalenderjaren.

3 De samentelling en herleiding, bedoeld in het eerste en tweede lid, geschieden met inachtneming van het volgende:

1°. een kalenderjaar wordt op 360 dagen en elke kalendermaand op 30 dagen gesteld;

2°. een dag, waarop de verzekering een aanvang nam of eindigde, wordt:

a. voor een gehele dag gerekend, wanneer de betrokkene gedurende die gehele dag ingezetene was;

b. verwaarloosd, wanneer de betrokkene gedurende die dag of gedurende een gedeelte van die dag geen ingezetene was.

4 Een na de in het eerste, tweede en derde lid bedoelde herleiding overblijvend gedeelte van een kalenderjaar blijft verder buiten beschouwing. De eerste zin vindt overeenkomstige toepassing, indien de samentelling minder dan een kalenderjaar oplevert, alsmede indien de betrokkene slechts éénmaal gedurende een voor korting meetellend gedeelte van een kalenderjaar niet verzekerd is geweest.

§ 1 — Herleiding gedeelten van kalenderjaren algemene ouderdomsverzekering

Artikel 1a

Deze regeling berust mede op artikel 8, tweede lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES.

§ 1 — Herleiding gedeelten van kalenderjaren algemene ouderdomsverzekering

Artikel 2

Vervallen

§ 1 — Herleiding gedeelten van kalenderjaren algemene ouderdomsverzekering

Artikel 3

Vervallen

§ 2 — Beperking kring verzekerden algemene ouderdomsverzekering

Artikel 4

Niet als verzekerde in de zin van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES wordt aangemerkt de ambtenaar in Nederlandse pensioengerechtigde overheidsdienst, die naar de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba is gedetacheerd.

§ 2 — Beperking kring verzekerden algemene ouderdomsverzekering

Artikel 5

Vervallen

§ 3 — Slotbepalingen

Artikel 6

In afwijking van de artikelen 1, eerste en tweede lid, en 2, tweede lid, wordt:

a. voor degene die voor 1 januari 2013 de leeftijd van 60 jaar bereikt, in die artikelen in plaats van ‘65 jaar’ gelezen: 60 jaar;

b. voor degene die in 2013 de leeftijd van 60 jaar bereikt, in die artikelen in plaats van ‘65 jaar’ gelezen: 62 jaar;

c. voor degene die in 2014 de leeftijd van 60 jaar bereikt, in die artikelen in plaats van ‘65 jaar’ gelezen: 63 jaar;

d. voor degene die in 2015 de leeftijd van 60 jaar bereikt, in die artikelen in plaats van ‘65 jaar’ gelezen: 64 jaar.

§ 3 — Slotbepalingen

Artikel 7

De volgende regelingen worden ingetrokken:

a. Ministeriële regeling van de 22ste augustus 1960 t.u.v. artikel 2, sub c, van de Besluit van de 26ste juli 1960 (P.B. 1960, N°. 131) t.u.v. artikel 5, derde en vierde lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES;

b. Ministeriële regeling van de 21ste oktober 1960 t.u.v. artikel 2, sub c, van de Besluit van de 26ste juli 1960 (P.B. 1960, N°. 131) t.u.v. artikel 5, derde en vierde lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES;

c. Ministeriële regeling van de 15de juni 1965 t.u.v. artikel 2, sub c, van de Besluit van de 26ste juli 1960 (P.B. 1960, N° 131) t.u.v. artikel 5, derde en vierde lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES;

d. Ministeriële regeling van de 1ste augustus 1980 t.u.v. artikel 2, sub c, van de Besluit van de 26ste juli 1960 (P.B. 1960, N°. 131) t.u.v. artikel 5, derde en vierde lid, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES;

e. Ministeriële regeling van de 8ste mei 1973 t.u.v. artikel 5, vierde lid, sub c, van de Wet algemene ouderdomsverzekering BES en artikel 6, vierde lid, sub c, van de Wet algemene weduwen- en wezenverzekering; en

f. Ministeriële regeling AOV/AWW en loonbelasting 1976.

§ 3 — Slotbepalingen

Artikel 8

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2011.

§ 3 — Slotbepalingen

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling volksverzekeringen BES.