wetzoeker

9 — Derdenbeding bij erfpacht Erfbelasting, fictieve verkrijging, levensverzekering en derdenbeding, premiesplitsing

Derdenbeding bij erfpacht

Een voorbeeld van een uitkering krachtens derdenbeding is een vergoeding voor het opstal die door de landeigenaar wordt betaald bij het einde van een van pacht afhankelijk recht van opstal. Als de pacht na het overlijden van de erflater niet wordt voortgezet, is de bedongen uitkering belast voor de erfbelasting. Als de landeigenaar (nog) geen vergoeding is verschuldigd omdat de pacht wel wordt voortgezet door een erfgenaam van de erflater, is er op dat moment geen sprake van een belastbare uitkering krachtens derdenbeding. Bij latere beëindiging van het pachtrecht geldt het volgende. Een vergoeding van de waarde van het opstal wordt op dat moment aangemerkt als nadere verkrijging uit de nalatenschap van erflater. De vergoeding wordt belast bij degene die de vergoeding ontvangt. Dat zal meestal de voortzetter zijn. Ook kan het voorkomen dat de voortzetter verplicht is de vergoeding door te betalen (aan erfgenamen) op grond van bijvoorbeeld een testamentaire bepaling, een overeenkomst tussen de erfgenamen of een rechterlijke beslissing. In dat geval wordt het doorbetaalde bedrag bij de uiteindelijke ontvanger in aanmerking genomen als nadere verkrijging uit de nalatenschap van erflater.

Regeling
Erfbelasting, fictieve verkrijging, levensverzekering en derdenbeding, premiesplitsing
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
02-12-2022
BWB-id
BWBR0029172
Versie
2022-12-02_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl