wetzoeker

Aanwijzing AT-functies Afspraken over de harmonisatie arbeidsvoorwaarden politie, tweede tranche

De aanwijzing van administratief-technische functies als bedoeld in artikel 10, derde lid, van het Barp tussen de korpsen, werkt zeer verschillend uit. Daarom zijn de criteria in de Regeling ‘aanwijzing AT-functies’ verder gespecificeerd. Er is hiertoe een wijziging aangebracht in de Regeling aanwijzing administratief-technische functies, zie bijlage. De wijziging ziet met name op toevoeging van criteria aan de hand waarvan bepaald wordt of er sprake is van een functie waaraan risico’s en ongemakken zijn verbonden. Tevens wordt bepaald dat het bevoegd gezag binnen 6 maanden na inwerkingtreding van de (wijziging van de) Regeling beoordeelt of de eerdere aanwijzingen van functies van kracht blijven en of andere functies thans in aanmerking komen voor een aanwijzing. Voordat het bevoegd gezag dit beoordeelt wordt de voorgenomen aanwijzing of intrekking aan de CGOP voorgelegd.

Deze (wijzing van de) Regeling treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. De Regeling zal worden heroverwogen en zo nodig worden aangepast bij de invoering van het LFNP.

De beoordeling van de functies, volgens de systematiek van de Regeling, geldt voor alle functies binnen de korpsen. Een aanpassing van de aanwijzingsregeling werkt alleen naar de toekomst toe. In het verleden niet aangewezen functies kunnen niet met terugwerkende kracht (bijvoorbeeld het inkopen van Afup-garantiejaren) worden aangewezen.

Uitzondering hierop zijn de nieuw gecreëerde functies die 'on-hold' zijn gezet, toen werd aangekondigd dat er een aangepaste Regeling ‘aanwijzing AT-functies’ zou komen. Voor deze 'on hold' functies zal de aanwijzing (indien toepassing van de nader gespecificeerde criteria hiertoe leidt) van kracht zijn vanaf het moment dat ze zijn vastgesteld maar niet eerder dan 1 januari 2007.

De aanwijzing voor de functies die door toepassing van de nader gespecificeerde criteria niet meer voor aanwijzing in aanmerking komen, vervallen op de datum van in werking treden van deze Regeling. Echter, de rechtspositionele aanspraak vervalt pas op de dag waarop de ambtenaar die de betreffende functie vervulde, niet langer in die functie is aangesteld. Er zijn uitzonderingen mogelijk, bijvoorbeeld zoals het Landelijk Sociaal Statuut (LSS)

Regeling
Afspraken over de harmonisatie arbeidsvoorwaarden politie, tweede tranche
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
08-12-2010
BWB-id
BWBR0029054
Versie
2010-12-08_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl