wetzoeker

Algemeen Afspraken over de harmonisatie arbeidsvoorwaarden politie, tweede tranche

In het Akkoord Arbeidsvoorwaarden Politie 2005–2007 (hierna: Akkoord) is afgesproken om arbeidsvoorwaarden in het vervolg alleen nog centraal vast te stellen en regionale verschillen af te bouwen. Doelstelling is het verbeteren van efficiency en het eenvoudiger maken van de uitwisseling van het politiepersoneel ten behoeve van de samenwerking tussen korpsen. Om regionale verschillen af te bouwen en regionale regelingen in te trekken, is het project Harmonisatie arbeidsvoorwaarden politie gestart. In dit project worden bestaande regionale arbeidsvoorwaardelijke regelingen in kaart gebracht, geanalyseerd en geharmoniseerd tot nieuwe landelijke arbeidsvoorwaarden. Hierbij is gezocht naar de grootste gemene deler waarbij tevens rekening is gehouden met uitvoerbaarheid, beperking van de administratieve lasten en actuele behoeften en ontwikkelingen.

Met ingang van 1 maart 2007 zijn de Regionaal Georganiseerde Overleggen (RGO’s) formeel opgeschort. In de circulaire 2006-385284 van 27 november 2006 is aangegeven dat het niet mogelijk is dat er na 31 december 2006 nog arbeidsvoorwaardelijke of rechtspositionele regelingen tot stand komen in de korpsen. Beoogd is dergelijke regelingen met de Ondernemingsraad niet af te spreken, omdat dit in strijd is met de afspraken van het Arbeidsvoorwaardenakkoord politie 2005-2007. Daarmee zou immers de afgesproken landelijke uniformering van de arbeidsvoorwaarden deels weer teniet worden gedaan.

Vooralsnog zijn bijna tachtig regelingen benoemd die in aanmerking komen voor harmonisatie. Met de politievakorganisaties is afgesproken dit totaalpakket op te delen. Op 20 maart 2008 is met de politievakorganisaties overeenstemming bereikt over de eerste tranche van te harmoniseren regelingen en op 23 april 2008 is tevens overeenstemming bereikt over de onderliggende regelgeving. De afspraken over de eerste tranche zijn vastgelegd in de circulaire 2008-192603 van 24 april 2008 en hebben geleid tot het Besluit van 15 september 2008 tot wijziging van het Besluit algemene rechtspositie politie, het Besluit bezoldiging politie en het Besluit rechtspositie vrijwillige politie in verband met de harmonisatie van de arbeidsvoorwaarden (Stb. 384), hierna: Besluit van 15 september 2008.

Vanaf medio 2009 is met de politievakorganisaties overeenstemming bereikt over een aantal van de te harmoniseren regelingen van de tweede tranche. Overeenstemming is onder meer bereikt over het onderhoud van bepaalde kledingstukken door zorg van het bevoegd gezag, de periodiekdatum, de toekenning ME-vergoeding, de verstrekking en onderhoud van uniformkleding van vrijwillige politie, de van toepassingverklaring van het Besluit reis-, verblijf-, en verhuiskosten politie op de vrijwillige ambtenaren van politie en de vergoedingen voor aspiranten voor huisvesting en gezinsbezoek bij lange reisafstand tussen woning en opleiding. Het onderhavige besluit strekt er toe de diverse rechtspositionele besluiten aan te passen aan bovengenoemde afspraken.

Wat betreft de financiële middelen wordt verwezen naar de circulaire van 24 april 2008 evenals naar de nadere afspraken die zijn vastgelegd in de circulaire van 27 november 2006. Met betrekking tot de bestemming van de financiële middelen die gemoeid waren met de regionale regelingen geldt dat in het Akkoord is afgesproken dat de arbeidsvoorwaardenruimte die in het verleden vanuit het landelijk overleg is toegewezen aan het regionale overleg beschikbaar blijft voor het domein van personeelsbeleid en arbeidsvoorwaarden. Tot deze middelen wordt ook het beslag van de afspraken rond de harmonisatie in 1994 vanwege de regiovorming gerekend.

Over dit besluit is op 21 oktober 2010 overeenstemming met de politievakorganisaties bereikt.

Regeling
Afspraken over de harmonisatie arbeidsvoorwaarden politie, tweede tranche
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
08-12-2010
BWB-id
BWBR0029054
Versie
2010-12-08_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl