Meer informatie Afspraken over de harmonisatie arbeidsvoorwaarden politie, tweede tranche
www.uitvaart.nl
www.verliesverwerken.nl
Uitreksel Rouw en Arbeid (Het onderstaande tekstdeel is overgenomen uit de door Prof. Dr. E. Keirse, tijdens de conferentie ‘Rouw en Arbeid’ gehouden lezing, die is opgenomen in de door de Landelijke Stichting Rouwbegeleiding uitgegeven brochure ‘Werken met Verlies’.)
Landelijk draaiboek/checklist uitvaarten
Bij het overlijden van een gezinslid, familielid of relatie van een medewerker
Bericht van overlijden
Indien het bericht niet via de betrokken medewerker zelf of een naast familielid binnenkomt, kan verificatie noodzakelijk zijn. De directe leidinggevende van de betrokken medewerker wordt van het overlijden in kennis gesteld. De leidinggevende neemt – indien mogelijk – op zo kort mogelijke termijn contact op met de getroffen medewerker.
Briefing collega’s
De directe leidinggevende informeert de naaste collega’s van de betrokkene. Daarbij dient overwogen te worden of er collega’s buiten dienst geïnformeerd moeten worden. Er wordt bekendgemaakt hoe de contacten met de getroffen medewerker gaan lopen. Uiteraard dient er altijd rekening gehouden te worden met de behoeften en wensen van de getroffen medewerker (bijvoorbeeld met culturele achtergronden).
Organisatorische aanpassingen
De directe leidinggevende van de betrokken medewerker dient, indien dit van toepassing is, overname van de werkzaamheden te regelen. De aanpassingen zijn tijdelijk en hebben het karakter van een ‘vangnet’. Voorkomen moet worden dat de medewerker langer thuis zit dan noodzakelijk is en de drempel voor de werkhervatting daardoor ‘te hoog’ wordt.
Periode rond de uitvaart
In de periode tussen het overlijden en de uitvaart, wordt overleg gevoerd met de betrokken medewerker over bijvoorbeeld:
• Het wel/niet aanbieden van bloemen.
• De officiële condoléance en aanwezigheid bij de uitvaart namens het korps.
• Het wel of niet dragen van het politie-uniform.
Administratieve afhandeling
Niet alleen het personeelsdossier, het salaris- en pensioendossier moeten mogelijk aangepast, maar ook b.v. adresbestanden dienen te worden gewijzigd door de regionale afdeling personeelsbeheer.
Terugkeer van de rouwende medewerker
De terugkeer van de rouwende medewerker in zijn eigen werk en werkomgeving vraagt bijzondere aandacht. De directe leidinggevende kan daarbij de richting aangeven en de mogelijkheden die er zijn met de betrokken medewerker bespreken. De directe leidinggevende is verantwoordelijk voor de begeleiding gedurende een eventuele periode van afwezigheid en bij de hervatting van de werkzaamheden (eventueel in overleg met bedrijfsarts en bedrijfsmaatschappelijk werk). Het is niet wenselijk om de werksituatie van de betrokken medewerker te wijzigen in deze periode.
Dit kan betekenen dat betrokkene:
• De tijd en ruimte krijgt om de gebeurtenis te verwerken en een plek te geven; dit kan worden vormgegeven door het verlenen buitengewoon verlof (rouwverlof), opnemen van vakantie- meer- of overuren, aanpassingen in het dienstrooster (0-uren), dan wel een combinatie van de genoemde mogelijkheden.
• In overleg met de bedrijfsarts ziek gemeld kan worden.
• Komt werken; eigen werk met aangepaste werktijden of andere werkzaamheden.
• ‘Eerder’ naar huis kan gaan als het niet meer gaat.
Aandachtspunten bij het maken van de afspraken:
• Maak duidelijke afspraken en leg deze vast.
• Bij verlenen van buitengewoon verlof de termijn en datum afspreken waarop vervolgafspraken gemaakt worden.
• Indien betrokkene niet ziek gemeld wordt, wel afspreken dat de bedrijfsarts wordt ingeschakeld.
• Moment(en) van evaluatie inbouwen en afspreken.
• Indien er onder rouwomstandigheden een ziekmelding komt is er overleg tussen de directe leidinggevende en de Arbo-dienst (bedrijfsverpleegkundige)/bedrijfsarts nodig om tot een goede afstemming van beleid te komen.
Nazorg
In individuele gesprekken en ook b.v. binnen het functioneringsgesprek is het goed om aandacht te schenken aan de persoonlijke omstandigheden van betrokkene. De eventuele behoefte van betrokken medewerker, om het proces los te laten en af te sluiten kan echter ook sterk zijn en kan hierbij ter sprake worden gebracht evenals de wijze, waarop hij dit binnen zijn omgeving kenbaar wil maken.
Een verlies kan extra risico voor een depressie dan wel post traumatische stress stoornis (PTSS) geven. Wanneer hiervan signalen herkenbaar worden is het van belang dat de leidinggevende vroegtijdig overleg pleegt met de bedrijfsarts of het bedrijfsmaatschappelijk werk om het risico van uitval te verkleinen. Naar aanleiding van waargenomen symptomen kan door de bedrijfsarts of bedrijfsmaatschappelijk werk worden vastgesteld of dergelijke ziektebeelden zich gaan ontwikkelen.
- Regeling
- Afspraken over de harmonisatie arbeidsvoorwaarden politie, tweede tranche
- Soort
- Circulaire
- Geldend vanaf
- 08-12-2010
- BWB-id
- BWBR0029054
- Versie
- 2010-12-08_0