wetzoeker

4.3 — Bewijslast en geloofwaardigheid Circulaire toelating en uitzetting Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Bewijslast en geloofwaardigheid

De vreemdeling hoeft niet expliciet te bewijzen maar moet aannemelijk maken dat hij gegronde vrees heeft voor vervolging of dat hij een reëel risico loopt op een behandeling als bedoeld in artikel 3 EVRM. Hij moet alle relevante gegevens aanreiken. Zijn verklaringen moeten:

a. consistent en geloofwaardig zijn;

b. passen in dat wat algemeen bekend is over de situatie in zijn land van herkomst; dan wel door diverse gezaghebbende bronnen bevestigd wordt; en

c. gestaafd worden met authentiek en onvervalst bewijs.

Ad a en b:

Wanneer de verklaringen van de vreemdeling niet consistent of geloofwaardig zijn en/of niet passen in wat algemeen bekend is over de situatie in het land van herkomst, heeft de vreemdeling onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij voor bescherming in aanmerking komt en dient de aanvraag om bescherming te worden afgewezen.

Ad c:

Als de vreemdeling niet over zodanig bewijs beschikt, moet hij een verklaring hebben voor het ontbreken ervan. Slaagt hij hierin, dan kan nader onderzoek worden ingesteld en/of hem het voordeel van de twijfel worden toegekend.

Ambtsberichten van de Minister van Buitenlandse Zaken van Nederland kunnen als gezaghebbende bronnen worden aangemerkt.

Regeling
Circulaire toelating en uitzetting Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Afkortingen
CTU-BES
Soort
circulaire-BES
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0028837
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl