wetzoeker

4 — Houders van een diplomatiek, een officieel of een dienstpaspoort en leden van internationale organisaties Regeling toelating en uitzetting BES

Houders van een diplomatiek, een officieel of een dienstpaspoort en leden van internationale organisaties

Gelet op de bijzondere voorrechten en immuniteiten die voor hen gelden, krijgen houders van een diplomatiek, een officieel of een dienstpaspoort dat is afgegeven door derde landen of hun regeringen die door de lidstaten zijn erkend, en houders van documenten afgegeven door internationale organisaties die in dienstverband reizen, bij de grenscontrole voorrang op andere reizigers, in voorkomend geval onverminderd de visumplicht die op hen rust.

In afwijking van artikel 2r WTU-BES, zijn de houders van genoemde documenten vrijgesteld van de verplichting om aan te tonen dat zij over voldoende middelen van bestaan beschikken.

Wanneer iemand zich op voorrechten, immuniteiten of vrijstellingen beroept, kan de grenswachter verlangen dat deze persoon, door overlegging van passende documenten – met name door de ontvangende staat afgegeven verklaringen of een diplomatiek paspoort – of op enige andere wijze aantoont dat hij of zij de betrokken voorrechten, immuniteiten of vrijstellingen geniet. In geval van twijfel kan de grenswachter zich in spoedeisende gevallen rechtstreeks tot het ministerie van Buitenlandse Zaken richten.

Onder de bedoelde door internationale organisaties afgegeven documenten wordt in deze paragraaf met name verstaan:

– laissez-passer van de Verenigde Naties, afgegeven aan personeel van de Verenigde Naties en van de bijbehorende instellingen op grond van het op 21 november 1947 door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties te New York aangenomen Verdrag inzake de voorrechten en de immuniteiten van de gespecialiseerde instellingen;

– laissez-passer van de Europese Gemeenschap (EG);

– laissez-passer van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (EGA);

– legitimatiebewijs afgegeven door de secretaris-generaal van de Raad van Europa;

– documenten afgegeven krachtens artikel III, lid 2, van het Verdrag tussen de staten die partij zijn bij het Noord-Atlantische Verdrag, nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten (militaire identiteitsbewijzen vergezeld van een briefing voor speciale opdracht, marsorder, individueel of collectief marsbevel), alsmede documenten afgegeven in het kader van het Partnerschap voor vrede.

Regeling
Regeling toelating en uitzetting BES
Afkortingen
RTU-BES
Soort
Ministeriële regeling BES
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0028815
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl